Gods kracht tot zaligheid


Lezen: Romeinen 1:1-18   -   Tekst: Romeinen 1:16

1 Paulus, een dienstknecht van Jezus Christus, een geroepen apostel, afgezonderd tot het Evangelie van God,
2 (Hetwelk Hij te voren beloofd had door Zijn profeten, in de heilige Schriften).
3 Van Zijn Zoon, Die geworden is uit het zaad van David, naar het vlees;
4 Die krachtelijk bewezen is te zijn de Zoon van God, naar den Geest der heiligmaking, uit de opstanding der doden) namelijk Jezus Christus, onzen Heere:
5 (Door Welken wij hebben ontvangen genade en het apostelschap, tot gehoorzaamheid des geloofs onder al de heidenen, voor Zijn Naam;
6 Onder welken gij ook zijt, geroepenen van Jezus Christus!)
7 Allen, die te Rome zijt, geliefden Gods, en geroepen heiligen, genade zij u, en vrede van God, onzen Vader, en den Heere Jezus Christus.
8 Eerstelijk dank ik mijn God door Jezus Christus over u allen, dat uw geloof verkondigd wordt in de gehele wereld.
9 Want God is mijn Getuige, Welken ik diene in mijn geest, in het Evangelie Zijns Zoons, hoe ik zonder nalaten uwer gedenke;
10 Allen tijd in mijn gebeden biddende, of mogelijk mij nog te eniger tijd goede gelegenheid gegeven wierd, door den wil van God, om tot ulieden te komen.
11 Want ik verlang om u te zien, opdat ik u enige geestelijke gave mocht mededelen, ten einde gij versterkt zoudt worden;
12 Dat is, om mede vertroost te worden onder u, door het onderlinge geloof, zo het uwe als het mijne.
13 Doch ik wil niet, dat u onbekend zij, broeders, dat ik menigmaal voorgenomen heb tot u te komen (en ben tot nog toe verhinderd geweest), opdat ik ook onder u enige vrucht zou hebben, gelijk als ook onder de andere heidenen.
14 Beiden Grieken en Barbaren, beiden wijzen en onwijzen ben ik een schuldenaar.
15 Alzo hetgeen in mij is, dat is volvaardig, om u ook, die te Rome zijt, het Evangelie te verkondigen.
16 Want ik schaam mij des Evangelies van Christus niet; want het is een kracht Gods tot zaligheid een iegelijk, die gelooft, eerst den Jood, en ook den Griek.
17 Want de rechtvaardigheid Gods wordt in hetzelve geopenbaard uit geloof tot geloof; gelijk geschreven is: Maar de rechtvaardige zal uit het geloof leven.
18 Want de toorn Gods wordt geopenbaard van den hemel over alle goddeloosheid, en ongerechtigheid der mensen, als die de waarheid in ongerechtigheid ten onder houden.


In Romeinen 1 komt de belijdenis van Paulus tot ons: Hij schaamt zich niet voor het Evangelie. Met andere woorden, wat er ook tegen op komt, hij zal de waarheid van het Evangelie onverkort blijven verkondigen. Waarom? Omdat dat Evangelie de enige weg is tot de zaligheid. Er is buiten het evangelie van Jezus Christus geen andere mogelijkheid om zalig te worden. Het is een kracht Gods tot zaligheid zegt hij. Eigenlijk is het nog meer, het is de kracht Gods tot zaligheid. Dat woordje kracht zou je ook mogen vertalen met 'macht' of 'bekwaamheid' Dat evangelie is iets wat God als een machtig middel gebruik om jou zonden te vergeven. De voorwaarde is wel dat je moet geloven dat dit evangelie de enige mogelijkheid is om zalig te worden.

Wat was ook al weer zaligheid: het woord zaligheid betekent 'vrijmaken' of 'behouden'. En dat gebeurt er als je het evangelie gelooft. Je wordt vrijgemaakt van je zonden en je wordt behouden voor de eeuwigheid. Je wordt dan dus behouden van de straf die God geeft op de zonde. Als je het evangelie gelooft worden je zonden vergeven omdat Christus heeft betaald voor je zonden.

Paulus wil zich niet onttrekken van het verkondigen van het evangelie. We kunnen ons leven er wel eens naast houden. Hoe is dat eigenlijk bij ons? Schaam jij je voor het evangelie? Ben jij een getuige van Christus. Niet alleen in een christelijke omgeving, maar ook daar buiten? Het is namelijk de enige weg tot de zaligheid voor iedereen. Voor niemand is er een andere weg. Daarom mogen we ons voor het evangelie niet schamen. Daardoor worden mensen onthouden van die goede boodschap tot behoud.
Of is die Koning je te min om van Hem te spreken? Heb je andere goden die veel belangrijker zijn. Koning Ik, koning Ambitie, koning Carrière, koning Sport. Over deze koningen is het veel eenvoudiger om te spreken. Dan word je in ieder geval niet vreemd aangekeken. Maar als je van Koning Jezus mag spreken, dan wordt dat anders. Want op het moment dat de duivel het idee krijgt dat hij volgelingen gaat verliezen, zal hij er alles aan doen om dat te voorkomen. Volgeling, zeg je, ben ik een volgeling van de duivel? Het is of het één of het ander. Of je volgt Jezus of je volgt de duivel. Een andere mogelijkheid is er niet. Wie niet voor Christus is die is tegen Hem. Iets anders kan niet. Dus als Jezus je Koning is, dan behoor je Hem te volgen. Als je Hem niet volgt dan ben je ook Zijn volgeling niet. Dat volgen blijkt uit je leven. Je vertrouwt in alles alleen op Christus, je lijkt in je daden op Hem en je haat de zonde. Als dat het geval is, dan weet de duivel hoe laat het is. Dan steekt de spot en de hoon op. Een ieder die van Christus gaat spreken zal hij proberen monddood te maken. Hierdoor blijkt dan ook dat het zich niet schamen voor het evangelie, helemaal geen vanzelf sprekende zaak is. Daar is wat voor nodig. Daar hebben we genade voor nodig, daar hebben we het leven met Christus voor nodig. Dan moet Christus in ons hart leven. Er is geen mens die van zichzelf overeind kan blijven tegen de spot en de hoon van de duivel. Bent u daar al achter gekomen?

Het is dus uit onszelf niet mogelijk is om overeind te blijven tegen de spot en de hoon van de duivel. Hoe kan Paulus dit dan zeggen? Hij zegt toch duidelijk dat hij zich niet schaamt voor het evangelie. Een mens gaat zich niet meer schamen of in ieder geval in mindere mate als hij er achter gaat komt dat het evangelie een kracht van God tot zaligheid is. Als de Heere door Zijn Geest jou laat zien dat alleen door het geloven van het evangelie de zaligheid verkregen wordt, dan moet je het ook iedereen om je heen vertellen, dan kun je niet anders meer. Als je die wetenschap niet bezit, dan blijf je je schamen voor het evangelie. Maar als de Heere je laat zien dat het geloof in het evangelie de enige zaligmakende weg is, dan blijft er wel een andere schaamte over. Je gaat zich dan schamen over uzelf. Al die achterliggende jaren dacht je dat jezelf de weg tot zaligheid wel kon maken. Maar als de Heere je ontdekt dat alle andere wegen niet tot Zijn eer zijn en dus hopeloos zijn, dan gaat je je schamen over jezelf. Dan ga je je schamen voor de schuld van de zonde die je bij God hebt gemaakt. Dan laat de Heere je ook zien dat die schuld niet door jou betaald kan worden. Want dat is het evangelie. Het wonder van de plaatsvervanging. Een Ander in jouw plaats. Alles is onmogelijk in jezelf. Maar Christus is op Golgotha gestorven om te betalen voor de zonden van al de Zijnen. Voor een ieder die dat gelooft. Weet jij al dat je schuld hebt bij God? Kent je jezelf? Als het zo is dan kent je jezelf als een doelmisser, een mislukkeling. En juist hoe meer je het evangelie gaat geloven, hoe meer je gaat zien dat het bij jouw hopeloos is. Maar zolang je denkt dat het nog wel meevalt, dan heb je er nog maar weinig van begrepen. Zolang je zelf nog denkt iets te kunnen doen voor je zaligheid, dan sta je kilometers ver van de zaligheid af. Geloof daarom in Christus. Door zonder zonden te zijn en toch de straf op de zonden, de dood, gedragen te hebben heeft Hij betaald voor de zonden van een ieder die dat gelooft! Geloof je het?