Het verbond des vredes


Lezen: Jesaja 54:1-17   -   Tekst: Jesaja 54:10

  1. Zing vrolijk, gij onvruchtbare, die niet gebaard hebt! maak geschal met vrolijk gezang, en juich, die geen barensnood gehad hebt! want de kinderen der eenzame zijn meer, dan de kinderen der getrouwde, zegt de HEERE.
  2. Maak de plaats uwer tenten wijd, en dat men de gordijnen uwer woningen uitbreide, verhinder het niet; maak uw koorden lang, en steek uw pinnen vast in.
  3. Want gij zult uitbreken ter rechter hand en ter linkerhand; en uw zaad zal de heidenen erven, en zij zullen de verwoeste steden doen bewonen.
  4. Vrees niet, want gij zult niet beschaamd worden, en word niet schaamrood, want gij zult niet te schande worden; maar gij zult de schaamte uwer jonkheid vergeten, en den smaad uws weduwschaps zult gij niet meer gedenken.
  5. Want uw Maker is uw Man, HEERE der heirscharen is Zijn Naam; en de Heilige Israels is uw Verlosser; Hij zal de God des gansen aardbodems genaamd worden.
  6. Want de HEERE heeft u geroepen, als een verlaten vrouw en bedroefde van geest; nochtans zijt gij de huisvrouw der jeugd, hoewel gij versmaad zijt geweest, zegt uw God.
  7. Voor een klein ogenblik heb Ik u verlaten; maar met grote ontfermingen zal Ik u vergaderen.
  8. In een kleinen toorn heb Ik Mijn aangezicht van u een ogenblik verborgen; maar met eeuwige goedertierenheid zal Ik Mij uwer ontfermen, zegt de HEERE, uw Verlosser.
  9. Want dat zal Mij zijn als de wateren van Noach, toen Ik zwoer, dat de wateren van Noach niet meer over de aarde zouden gaan; alzo heb Ik gezworen, dat Ik niet meer op u toornen, noch u schelden zal.
  10. Want bergen zullen wijken, en heuvelen wankelen; maar Mijn goedertierenheid zal van u niet wijken, en het verbond Mijns vredes zal niet wankelen, zegt de HEERE, uw Ontfermer.
  11. Gij verdrukte, door onweder voortgedrevene, ongetrooste! zie, Ik zal uw stenen gans sierlijk leggen, en Ik zal u op saffieren grondvesten.
  12. En uw glasvensters zal Ik kristallijnen maken, en uw poorten van robijnstenen, en uw ganse landpale van aangename stenen.
  13. En al uw kinderen zullen van den HEERE geleerd zijn, en de vrede uwer kinderen zal groot zijn.
  14. Gij zult door gerechtigheid bevestigd worden; wees verre van verdrukking, want gij zult niet vrezen; en verre van verschrikking, want zij zal tot u niet naken.
  15. Ziet, zij zullen zich zekerlijk vergaderen, doch niet uit Mij; wie zich tegen u vergaderen zal, die zal om uwentwil vallen.
  16. Zie, Ik heb den smid geschapen, die de kolen in het vuur opblaast, en die het instrument voortbrengt tot zijn werk; ook heb Ik den verderver geschapen, om te vernielen.
  17. Alle instrument, dat tegen u bereid wordt, zal niet gelukken, en alle tong, die in het gericht tegen u opstaat, zult gij verdoemen; dit is de erve der knechten des HEEREN, en hun gerechtigheid is uit Mij, spreekt de HEERE.

Deze keer zullen we nadenken over het verbond des vredes. We kunnen dat heel beschouwelijk doen, maar we kunnen dat ook heel praktisch doen. En ik zal dan maar gelijk met de deur in huis vallen en u een persoonlijke vraag stellen.

Hebt u vrede met God? Misschien dat u bij zo'n heel directe vraag even moet slikken. Toch is het van wezenlijk belang om een antwoord te hebben op deze vraag. Want dit is het wel waar alles om draait. Hebt u vrede met God? U begrijpt dat ik hiermee nog niet klaar ben. Maar eerst uw antwoord. Ik hoor zoveel mensen twijfelen bij het antwoord op deze vraag. Ik zie nog meer mensen om het antwoord op deze vraag heendraaien. Nu is het ook een beetje tegen onze cultuur in om zo'n vraag direct bevestigend te beantwoorden. Het lijkt wel of twijfel tegenwoordig in de reformatorische kringen onderdeel zou moeten zijn van het ware geloof. Echter, de Heere vraagt een antwoord van ja of van nee. Hebt u vrede met God?

Als ik twee schoolklassen zou nemen, één uit de reformatorische hoek en één uit de evangelische hoek en ik zou deze vraag stellen aan beide klassen. Dan zou in de evangelische klas het overgrote deel zeggen dat ze vrede hebben met God, en bij de reformatorische klas zouden er misschien een of twee schuchtere vingers omhoog gaan. Vanwaar deze twijfel. Misschien dat u nu denkt: "Hij denkt dat het wel erg makkelijk gaat." Nu weet ik wel dat in evangelische kringen heel eenvoudig wordt gezegd dat men Jezus heeft aangenomen en daar zit een groot gevaar aan. Maar in onze kringen is er precies het tegenovergestelde. Het gaat zomaar niet. Nee, inderdaad en de duivel lacht!! Want wij moeten eerst dit en dan dat, we moeten zus gevoeld hebben en zo ervaren hebben en dan... ja dan komt de tijd dat Jezus Zich kan openbaren.

Door deze gedachtegang verduisteren we de weg des vredes. Er staat nergens dat het Evangelie voorwaardelijk is. Heden nu gij Zijn stem hoort, verhardt u niet maar laat u leiden. Daarom is het goed om na te denken over de weg van vrede die God heeft geopenbaard in Zijn Woord. Want een positief antwoord is nodig op de vraag of u vrede hebt met God. Een negatief antwoord en een antwoord ten verderve. Beseft u dat. Beseft u dat u die vrede met God moet kennen wil het wel zijn voor de eeuwigheid. Ik zal eerst de vraag nog wat dichter bij u brengen omdat ik mij afvraag of u deze vraag toch maar weer wat verder van u afzet en meer aan uw naaste denkt dan aan uzelf. En dan hoop ik dat het volle gewicht van deze vraag op uw ziel zal drukken als u nog geen vrede hebt met God.

Als er deze avond op dit gebouw een vliegtuig neerstort terwijl we hier samen zijn. De Heere verhoedde het dat het gebeuren zou, maar stel dat dit gebeurt en u overleeft deze ramp niet. Mag ik u dan heel eerlijk de vraag stellen waar u dan uw eeuwigheid zult doorbrengen? En dan hoop ik van ganser harte dat deze vraag u niet meer loslaat totdat u vrede hebt gevonden met God.

Waarom hecht ik zoveel waarde aan deze vraag en in welk verband staat deze vraag dan tot het onderwerp? De reden dat ik zoveel waarde hecht aan deze vraag is deze: U en ik hebben geen enkel recht om in oorlog te leven met God. Wij kunnen geen enkel recht bedenken om deze vrede niet te hebben in ons leven. Misschien dat u denkt waar heeft hij het over? Wel, God heeft met ons een verbond gemaakt van vrede. God is met ons een verbond aangegaan dat vrede uitwerkt. Hoe kan God nu God zijn door een vrede aan te bieden. Hoe kan God nu vrede aanbieden terwijl Hij ons moet wegdoen van voor Zijn aangezicht. Want laten we maar eerlijk zijn: Uit mij en uit u geen goed in der eeuwigheid. Zou God dan aan Zijn recht geen genoegdoening vragen over de zonden. Zou God Zijn recht laten lopen en het kwaad ongestraft laten blijven vanwege de aangeboden vrede. Dat zij verre. Maar er is vrede omdat aan Gods recht is voldaan. Daarom is Gods verbond in eeuwigheid bestendig.

Jesaja 54 is het gevolg van Jesaja 53. Dat is nogal logisch zegt u. Inderdaad 54 volgt op 53. Maar in Jesaja 53 lezen we van de lijdende Knecht des Heeren. Het verbond des vredes blijft bestaan en God blijft God. Wat bedoel ik. God hoeft geen afbreuk te doen aan Zijn verbond en Hij hoeft geen afbreuk te doen aan Zijn eisend recht. Voor onze zonde moet betaald worden en toch biedt Hij Zijn vrede aan en vervuld de belofte die ligt opgesloten in het verbond. De vrede met God wordt door het recht vervuld. De Heere komt tot de vrede doordat aan Zijn recht wordt voldaan. Eigenlijk zou dat helemaal niet kunnen. Het zou onmogelijk zijn als God ons vrede geeft en ook Zijn recht eist. Want op het moment dat God Zijn recht eist over ons, is de vrede nooit meer mogelijk. Beseft u dat? Beseft u dat als het van u zou afhangen dat of de vrede een onmogelijk doel is of dat Gods recht niet wordt uitgevoerd. Dat laatste zou even rampzalig zijn als het eerste. Als de vrede niet mogelijk zou zijn vanwege Gods eisend recht gaan wij allemaal verloren. Maar als God Zijn recht moet laten varen om de vrede te geven is God geen God meer. Dan is God niet langer meer waarachtig. Dan zou Hij de zonde niet meer straffen. Dan zou God een leugenaar zijn.

Nu zien we dus dat God Zijn weg uitwerkt buiten ons om. Want vanuit ons kan het niet. Vanuit ons moet Hij of de vrede laten varen of Zijn recht. Als het uit ons moet voortkomen dan kunnen vrede en recht nooit naast elkaar leven. En daarom komt Jesaja 54 na Jesaja 53. Want in Jesaja 53 wordt het recht van God vervuld en in Jesaja 54 wordt het verbond des vredes in ere hersteld en zal God Zijn verbond houden.

Is dat verbond des vredes dan ooit ter discussie geweest? Nee, ook dat niet. Dat verbond des vredes heeft bij God vandaan nooit gewankeld. Zijn belofte was eeuwig vast. In Genesis 3:15 gaf Hij de belofte al dat er aan Zijn recht voldaan zou worden en dat de vrede mogelijk zou zijn. Niet in ons, maar in Christus Jezus. "Ik zal vijandschap zetten tussen u en tussen deze vrouw", zegt de Heere tegen de satan. De zonde zal gestraft worden. Ik wil hier toch even bij stil blijven staan. Want het is een bijzonder wonder dat de Heere heeft gedaan. Het kwaad moest gestraft worden. Ik zei daarnet al dat als God niet aan Zijn recht zou voldoen, Hij onwaarachtig zou zijn. Dat betekend dan dus ook dat de belofte van vrede niet langer meer vast zou zijn. Want als God niet waarachtig meer zou zijn, komt ook het verbond des vredes op losse schroeven te staan. Dan wordt het een wankelend verbond dat in willekeur zou worden toegepast. 

Daarom is Jesaja 53 van wezenlijk belang. Daar wordt de straf die ons de vrede aanbrengt gelegd op Christus. Daar gaat God de zonde straffen. Beseft u wat uw zonden hebben aangericht. Het waren niet de Joden die Jezus kruisten, maar het waren mijn zonden. Christus moest niet aan het kruis lijden omdat de Joden een hekel aan Hem hadden. Christus moest aan het kruis lijden omdat ik een zondaar ben! Als u aan het kruislijden van Christus denkt, waarover gaan dan uw gedachten? Over de zonden van uw buurman, over de zonden in de wereld? Dan bent u ver weg van de vrede. Christus lijden was nodig omdat u een zondaar bent. Het is uw schuld en het is mijn schuld dat Jezus de hemelse heerlijkheid moest verlaten om naar deze aarde te komen. Het is uw schuld en het is mijn schuld dat Christus de hemelse heerlijkheid verwisselde voor het aardse tranendal met het kruis van Golgotha! 

Wat was Zijn Naam? Vredevorst!! Koning van de vrede!! Waarom dan? Omdat Hij Gods recht vervulde. Omdat Hij de straf droeg, die u en mij de vrede aanbrengt. Hij was Vredestichter. De Heere heeft Hem verbrijzeld. Zijn ziel stelde Zich tot een schuldoffer en daarmee is het zaad van de vrede ontkiemd. Dat zaad werd gezaaid in Genesis 3 en komt in Jesaja 53 tot ontkieming. En dat gekiemde zaad komt in Jesaja 54 tot bloei. Onwankelbaar is God belofte van vrede. Hij zegt het u toe dat Hij u vrede wil geven. Vandaar dat ik deze overdenking begon met de vraag of u vrede hebt met God.

De vrede is aangebracht. Aan Gods recht is voldaan en daarmee is God ook God gebleven en is Zijn belofte van vrede niet op losse schroeven komen staan. Gods belofte van vrede is hierdoor vaster dan vast. Door het wonder van Jesaja 53 heen blijkt dat de Heere door het onmogelijke heen Zich aan Zijn Woord houdt. En dat Woord lijkt een volkomen tegenstrijdigheid. Maar omdat de Heere heeft gezegd dat Hij zal voorzien voor een Lam ten brandoffer is de schijnbare tegenstrijdigheid een Goddelijke mogelijkheid. En nu zijn we op de plaats waar we moeten zijn om te kunnen zien dat de vrede met God mogelijk is. Nu zijn we op de plaats waar we mogen zien dat het verbond van de vrede dat God heeft gesloten met ons ook een verbond is dat waarachtig is.

Uit het doopformulier kennen we de passage dat er in een verbond twee partijen begrepen zijn. Zo is dat ook hier. Maar zoals ook in de doop is hier het verbond een verbond waarvan het initiatief bij God vandaan is gekomen. Het is Gods aangeboden vrede in dit verbond. Het is geen initiatief van u of van mij. Dat blijkt wel las we leven dat Christus vijanden met God verzoend. Hij verzoend geen vrienden met God, maar vijanden. Bent u ook zo'n vriendje van God. Heeft u het ook zo goed voor met de Heere. Zijn Woord in de mond, u bent voor de waarheid. U bent lid van de SGP, donateur bij de GBS, actief in de gemeente. Maar mag u nu weten dat u een vijand bent van het Evangelie. Er is geen mens op aarde te vinden die iets wil weten van het Evangelie. Er is geen mens op aard die iets wil weten van vrede met God. Allen zijn zij afgeweken, tezamen zijn zij onnut geworden. Vijanden van het Evangelie. Het enige waar wij van nature de Heere voor nodig hebben is om de hel te ontvluchten. Het gaat ons niet om de vrede met God, maar om de hemel. 

Daar moeten ook al Gods kinderen achterkomen als de Heere ze een ogenblik loslaat. Dan moet God kind klagen dat hij op zichzelf gericht is en een zoeker is van eigen en ijdele eer. Ook na ontvangen genade. En als u de Heere niet kent, dan staat u nu misschien wel op uw achterste benen en u steigert. Dit is niet waar. U bedriegt zichzelf door te zeggen dat u de vrede zoekt. Die zoekt u niet. Nu niet en nooit niet. U zoekt geen vrede met God. Ten diepste bent u liever een vriendje van de duivel met een ingebeelde hemel voor ogen als dat u ooit vrede begeerd met God. Het is hopeloos met u. Eerrovers Gods. Dat zijn wij en hoe meer een zondaar zichzelf leert kennen en hoe meer genade er mag leven in het hart van God kind, hoe meer dat hij moet ervaren dat hij een eerrover is van God. Hoe meer dat hij moet ervaren dat uit een mens voortkomen boze bedenkingen, overspel, hoererij enzovoort. En dan wordt het wonder juist oneindig groot dat God een verbond gaat sluiten van vrede met zulk een goddeloze. Vrede door recht. Israël wordt door recht verlost. Dan gaat de Heere zeggen: "Ik bied je Mijn vrede aan"

Wanneer ga je die vrede dan omhelzen? Op het moment dat je gaat zien dat er buiten de vrede met God geen leven is. Buiten Christus is een eeuwige oorlog en is eeuwig vuur. Er is geen vrede te vinden zonder dat er aan het recht van God is voldaan. Denk dat maar niet. Buiten Christus staat u voor een vertoornd God. Buiten Christus eis God Zijn recht van u. Maar in Christus biedt Hij u Zijn vrede aan?

Is dat nu wel zo dat God Zijn vrede wil geven? Jazeker, de Heere is een waarmaker van Zijn Woord. En daar waar God een verbond sluit, houdt Hij Zich ook aan Zijn verbond. De tekst uit Jesaja 54:10 laat duidelijk zien dat dit verbond vast is. De bergen zullen eerder wijken en de heuvelen zullen sneller wankelen dan dat het verbond des vredes zal wankelen. En bergen kunnen niet wijken en heuvelen kunnen niet wankelen en nog vaster is het verbond des vredes dat God heeft gesloten met ons. Van Gods kant gezien is dit verbond muurvast. Dat betekend dan dat iedereen die vrede zal ontvangen? Nee, dat is niet zo. Zoals ik daarnet al aangaf bestaan een verbond uit twee partijen. De Goddelijke partij zal het verbond nooit verbreken. Van Gods kant vandaan is het volkomen vast. Maar er is een tweede partij te vinden in dit verbond. Deze partij dat bent u en dat bent ik. En daarom komt nu tot u en tot mij de vraag wat wij doen met dit Goddelijke verbond. Want weet u wat wij zijn? Wij zijn verbondsbrekers. Het Goddelijk recht werd vervuld door het offer van Christus. Is dat voor iedereen? Het is genoeg voor de gehele wereld. Maar dit recht van God wordt alleen toegepast aan de zondaar door het geloof in Christus. En als dit geloof er niet is, dan hebt u dit verbond gebroken. Dan is de vrede geen vrede, maar is de vrede oorlog gebleven. Dan leeft u nog op voet van oorlog met de Heilige God. Maar dan is het nooit Gods schuld dat het verbond des vredes wordt gebroken. Dan ligt de schuld aan uw kant.

Dan kunt u blijven uitroepen: "Och mocht, och mocht", maar het is eigen schuld. In de hel zal het niet klinken: "Och mocht", maar daar zal klinken: "Ik moch" De vrede wordt u aangeboden. Geloof in Christus en wordt behouden. God biedt u Zijn vriendschap aan. Vrede, vrede. Ik kan niet anders dan u Christus verkondigen tot uw vrede. Ik zal het u nogmaals zeggen: Buiten het offer van Christus kunt u niet leven. De wereld kent geen vrede, de duivel weet wat vrede is, maar hij gunt het u niet. Vrede is er alleen in de geschonken gerechtigheid van Jezus bloed. Gelooft u dat? Gelooft u dat er onder het bloed van Jezus verzoening is. Gelooft u dat er vrede te krijgen is omdat Christus betaald heeft?

Of denkt u nu werkelijk dat uw zonden God niet vertoornen? Denkt u nu werkelijk dat de vrede toch wel ontvangen wordt omdat God het beloofd heeft? Denkt u nu werkelijk dat uw zonden onbedekt kunnen leven met de vrede van God? Dan moet ik u teleurstellen. Hoe vast was ook alweer dat verbond des vredes? Het is vaster dan de heuvels en de bergen. Hoe vast zijn die bergen en die heuvels? Die zijn vast. Ja, die zijn vast totdat het oordeel aanvangt. Straks zal heel deze aarde vergaan en allen die dan moeten roepen: "Heuvelen valt op ons en bergen bedekt ons", die zullen dan ook moeten ervaren dat het verbond des vredes wankelt. Niet omdat het aan Gods kant niet vast genoeg was, maar het wankelt en het zal verbroken zijn tot in alle eeuwigheid voor allen die smeken om onder de onwankelbare bergen bedekt te worden. Die zullen dan ook bedekt zijn onder te toorn van God en dat voor eeuwig. Het is misschien een sombere voorstelling van zaken. Maar het ligt mij zeer op mijn hart om u in alle ernst te waarschuwen voor het toekomende oordeel. Vrede die werd aangeboden maar niet werd aangenomen zal u straks veroordelen onder het recht Gods. Ik smeek u of u vanavond niet eerder zult gaan slapen voordat u die vrede met God hebt verkregen. Alles is volbracht door Jezus. Stop dan met al uw godsdienstig gewerk en geef u over aan Christus. Geef Hem uw zonden en Hij zal u witter maken dan sneeuw. Hij wil u die vrede geven.

U die de Heere mag vrezen, u die in beginsel mag weten wat het is om vrede te hebben met God, uw vrede is zeker. Gods verbond zal niet wankelen. Dat mag u tot troost zijn. U die zo menigmaal in zonden valt, u die zo menigmaal twijfelt of uw roeping en verkiezing nu echt wel vast is, u die zo onheilig bent. U mag ik toeroepen dat de vrede aanstaande is. U mag ik toeroepen dat God Zijn verbond niet zal verbreken. Ja maar, ik verbreek het verbond. Nee, dat kunt u niet, want er is door Christus aan Gods recht voldaan. U bent vrij, al uw zonden zijn weggeworpen. Christus heeft ze gedragen en verdragen. U bent zalig. Straks? Nee u bent nu zalig. God toornt niet meer op u vanwege uw zonde. De toorn van God is geblust. Al uw ongerechtigheden heeft Hij op Hem doen aanlopen. Gods goedertierenheid zal van u niet meer wijken. Hij is goedertieren over u omdat Christus uw toevlucht is. Daar mag u schuilen, onder Zijn vleugels. 

Waar gaat uw hart nu naar uit, o kind van God. Hoe moet het met uw zonden? Naar Jezus toe. Nee de vrede is niet door u verdiend. Dan was het onmogelijk geweest en voor eeuwig onmogelijk gebleven. Het verbond blijft niet bestaan vanwege uw verdienste. Maar in Christus ziet God u als rein, als rechtvaardig. Het eisent recht is weg. Dan ziet Hij geen van hunne zonde aan. God eist niet meer, Hij geeft slechts vrede. U kunt God in het gezicht kijken omdat Christus voor u heeft voldaan. God staat met open armen op u te wachten om u Zijn vrede te geven. De kroon der overwinning is voor u weggelegd. Verdiend en verzekerd door het Lam. Als het aan mij lag verbeurde ik het iedere moment. Maar nu is Christus mijn zaligheid. Hij heeft mij gered en Hij is mijn Ontfermer. Hij zag naar mij om en deed mijn hart uitgaan tot Hem. Door Hem liep ik de Heere aan als een waterstroom en Hij gaf mij Zijn vrede.

Is dit de taal van uw hart. Pelgrim, op weg naar boven, nog even en u mag de volle vrede smaken en dat voor eeuwig. Nog even en u hoeft nooit meer te geloven want dan mag u uw Vredevorst aanschouwen. Het is nu zo vaak bedekt en in vertwijfeling. Is het bij mij nu wel echt? Ik hang zo naar de zonde. Ik ben zo onheilig. Dat is de smart van Gods kinderen. Daardoor wordt de vrede hier op aarde zo node gemist. Toch mag u die vrede smaken vanuit de totale afhankelijkheid aan Christus. Het zijn niet mijn werken die mij heilig maken voor God, maar het is Christus verdienste die in mij dat nieuwe leven werkt dat strijdt tegen mijn verdorven vlees. Ik zal nooit heiliger worden, maar Christus die in mij woont, Die brengt mijn heiligheid voort.

Wanneer smaakte u voor het laatst de vrede met God? Toen Hij mij Zijn wonden liet zien. Toen Hij mij liet zien dat Hij volbracht had en dat Zijn Vader zei: "Om Christus Mijn lieve Zoons wil bent u rein." De Vader kent uw zonden niet meer. In Psalm 32 zegt David dat zijn zonden vergeven en bedekt zijn. De zonden zijn niet langer meer zichtbaar. Dan bent u rein en heilig in Gods ogen.

Maar buiten dat geloof bent u zwart van zonden in ligt u onder Gods eisent recht. Doemwaardig ligt u dan uw tijd af te wachten om verloren te gaan omdat u geen vrede wenste met God. Dan zult u de vrede van Gods kinderen zien en zult u het met God moeten eens zijn dat Hij u tot in eeuwigheid zal straffen. Kies dan heden wie u dienen zal. Vanavond heb ik u mogen voorhouden wat tot uw vrede is dienende. Als u op zulk een vrede geen acht slaat die wordt aangeboden in Christus, zeg dan nooit dat Gods verbond wankelde, want dat was vast.

Als u nu Christus niet wilt geloven, dan ben ik vrij van uw bloed. Ik heb Hem u voorgehouden in al Zijn liefde en genade. Wat wilt u nog meer? Kom dan tot de wateren en koopt en eet zonder geld. Een rivier van vrede wordt u aangeboden in Christus. Het droogt niet op hoor. Die vrede is onuitputtelijk, maar ook onbeschrijfelijk. Echte vrede, die op aarde niet geweest is. Lof aan God, Glorie aan het Lam. God zal alle tranen van de ogen afwissen en de dood zal niet meer zijn. Dat is vrede die alle verstand te boven gaat. Dat is een vrede die de wereld niet kent.

* Heb je vragen? Klik op de envelop