Kruist Hem!


Weekoverdenking: 30 maart – 5 april
Voorgaande weekoverdenkingen klik op 'Gebed & Meditatie'

Lezen: Lukas 23:13-21 en Mattheüs 27:23-26   -   Tekst: Lukas 23:21

  1. En als Pilatus de overpriesters, en de oversten, en het volk bijeengeroepen had, zeide hij tot hen:

  2. Gij hebt dezen Mens tot mij gebracht, als een, die het volk afkerig maakt; en ziet, ik heb Hem in uw tegenwoordigheid ondervraagd, en heb in dezen Mens geen schuld gevonden, van hetgeen daar gij Hem mede beschuldigt;

  3. Ja, ook Herodes niet; want ik heb ulieden tot hem gezonden, en ziet, er is van Hem niets gedaan, dat des doods waardig is.

  4. Zo zal ik Hem dan kastijden en loslaten.

  5. En hij moest hun op het feest een loslaten.

  6. Doch al de menigte riep gelijkelijk, zeggende: Weg met Dezen, en laat ons Bar–abbas los.

  7. Dewelke was om zeker oproer, dat in de stad geschied was, en om een doodslag, in de gevangenis geworpen.

  8. Pilatus dan riep hun wederom toe, willende Jezus loslaten.

  9. Maar zij riepen daartegen, zeggende: Kruis Hem, kruis Hem!

Mattheüs 27:23-26

  1. 23  Doch de stadhouder zeide: Wat heeft Hij dan kwaads gedaan? En zij riepen te meer, zeggende: Laat Hem gekruisigd worden!

  2. 24  Als nu Pilatus zag, dat hij niet vorderde, maar veel meer dat er oproer werd, nam hij water en wies de handen voor de schare, zeggende: Ik ben onschuldig aan het bloed dezes Rechtvaardigen; gijlieden moogt toezien.

  3. 25  En al het volk, antwoordende, zeide: Zijn bloed kome over ons, en over onze kinderen.

  4. 26  Toen liet hij hun Bar–abbas los, maar Jezus gegeseld hebbende, gaf hij Hem over om gekruisigd te worden.

Ben jij Jezus ook zo zat? Wat, zeg je, ik Jezus zat? Hoe durf je zoiets te zeggen? Ik ga iedere zondag netjes naar de kerk en ik belijd iedere zondag dat ik in Jezus geloof. En dan vraag je aan mij of ik Jezus ook zo zat ben? Ja, en toch vraag ik het dan nog maar een keer: Ben jij Jezus ook zo zat? Heb jij het ook helemaal met Hem gehad en ben je Hem liever kwijt dan rijk? Ja, dit voelt niet goed hè, als ik dit zo aan je vraag. Toch moeten we deze vraag vandaag maar even blijven vasthouden. Nee, met onze mond zouden we dit natuurlijk nooit zeggen. Maar laten we eens kijken naar de Joden in het gedeelte wat we zojuist hebben gelezen. 

Want wat hoor ik eigenlijk? Ik hoor dat volk roepen: “Kruist Hem”. Massaal roept het hele volk om de dood van Jezus. Hoe kan dat nu? Een paar dagen geleden was de stemming nog zo totaal anders en nu, nu willen ze van Jezus af. Aan het kruis moet Hij en snel een beetje. Begrijp jij het nog? Zo op het oog is het niet te begrijpen wat er eigenlijk gebeurt. Een paar dagen geleden stond het volk nog langs de kant van de weg en kwam Jezus als de Koning op Zijn ezel de straten van Jeruzalem binnen. Niet op een paard, vol van strijd en geweld, maar op een ezel. En het volk stond langs de kant van de weg en riep het uit: Gezegend is Hij die daar komt in de Naam van de Heere. Hij werd als een koning onthaald en het volk raakte totaal in vervoering. Eindelijk de verlossing van de Romeinen. En tegelijk nog een rabbi die wonderen deed. 

En dat wilde het volk wel. Een rabbi die mensen geneest, een Messias die de duivelen uitwerpt. Ja, dat willen ze, zoiets kunnen ze wel wat mee. Geweldig, die Jezus van Nazareth. Dat is mooi om te zien. Jezus was gewoon een publiekstrekker geworden en overal waar Hij kwam gebeurden wonderen. Dat willen wij toch ook wel? Iemand die wonderen doet? En dan ook nog iemand die aangename woorden spreekt. En het liefst iemand die ook nog vertelt hoe dat wij de hemel kunnen verdienen. En Jezus had gezegd dat Zijn Koninkrijk gekomen was en daar wilde men wel bijhoren. En tot zover ging het ook allemaal goed. En ook bij jou en bij mij gaat het tot hiertoe goed en willen wij deze Jezus wel volgen. Nee hoor, zo’n Jezus zijn we niet snel zat. Maar toch was het volk nu zover gekomen dat ze allemaal riepen: Kruist Hem! En dat na dat onthaal een paar dagen eerder.  

Wat was er nu eigenlijk veranderd? Wel, Jezus had gezegd dat Hij de Zoon van God was. En dat ging te ver. Misschien bij ons niet direct, misschien gaat dat bij ons op het gehoor niet verkeerd en gaat dit bij ons pas verkeerd op het moment dat we beseffen wat dat betekent. Het probleem voor de Joden was dat Jezus zei dat Hij Gods Zoon was. We moeten daarbij aan de ene kant niet vergeten dat op het moment dat iemand zou zeggen dat hij Gods Zoon was, dat hij een vreselijke Godslastering sprak. En iemand die God lasterde moest gedood worden. Daarom zegt het volk ook: Zijn bloed kome over ons en onze kinderen. Het bloed van de lasteraar moest vergoten worden en als de Godslasteraar onder het volk bleef, zou er de vloek van God op rusten. Wellicht gebeurde het dus vaker dat op deze manier iemand ter dood veroordeeld werd. Toch had het volk kunnen weten dat Jezus de Messias was en dat Hij werkelijk de beloofde Zoon van God was. Het is moeilijk om aan te geven of het volk dit wist. Toen de discipelen dit begonnen te begrijpen, mochten ze daarover van Jezus niets zeggen. 

Toch waren er zoveel profetieën in vervulling gegaan, dat het volk moest weten dat Jezus de Messias was. En dieper zit de gedachte achter de woorden dat Jezus zei dat Hij Gods Zoon was. En die gedachte raakt ook jou en mij en maakt dat ik deze meditatie durfde te beginnen met de vraag of jij het ook zo vreselijk gehad had met Jezus. Het waren in eerste instantie de Farizeeërs en de Schriftgeleerden die het volk wilden overtuigen dat Jezus moest sterven. En de reden is duidelijk: Als dit Gods Zoon is, dan is Hij God Zelf. En laat eens tot je doordringen wat dat betekent. Dat betekent dat Jezus met Goddelijk gezag sprak. Dan zijn ineens niet alleen Zijn daden belangrijk, maar dan moet alles wat Hij zegt ogenblikkelijke gehoorzaamd worden. En telkens ging het op dat gebied al fout. Telkens ging Jezus al in tegen alle vrome traditie. En nu zegt Hij ook nog eens dat Hij recht van spreken heeft, Hij is Gods Zoon. Nu moet het toch echt afgelopen zijn en nu moet Hij aan het kruis, en snel. Weg met deze Jezus. Mag ik dan nu nog een keer die eerste vraag stellen? Ben jij Jezus ook zo zat? Ja, ik vraag het aan jou, niet aan je buurman. Ben jij Hem ook zo zat? Want laten we eens eerlijk zijn. Een Jezus die zegt dat God liefde is, dat willen we wel horen. En ten diepste mag Hij ook nog wel zeggen dat je de tien geboden moet houden. Als je er dan vooral maar zoveel mogelijk zelf aan kunt doen. Maar nu zegt Jezus, met Goddelijk gezag: Bekeert u en gelooft het Evangelie. Hoor je dat? Bekeer je en geloof! Ja-maar, dat gaat toch zomaar niet? Het gaat tegenwoordig toch allemaal al zo makkelijk. Iedereen doet net of je jezelf kunt bekeren, maar ik kan helemaal niets. Nog een keer dan? Jezus zegt: Bekeer je en geloof.  

Kijk weet je wat het is, zolang Jezus in mijn straatje praat, dan wijs ik Hem niet af, maar als Hij mij pijn doet met Zijn woorden, dan heb ik genoeg ja-maars. En ieder ja-maar, komt overeen met het ‘Kuist Hem’ van de Joden. En waarom? Omdat we ten diepste Zijn Goddelijk gezag niet willen. En als Hij zegt: Mijn genade is voor jou genoeg, meer heb jij niet nodig en jij zegt: Maar ik moet toch nog… Ten diepste zeg je telkens: Weg met Deze. En als Hij je aanspreek op je zonden en tekorten en je sputtert en wil er niets van weten, dan zeg je: Weg met Hem. En het “Kruist Hem”, klinkt uit onze Reformatorische monden. Vaak met de oude waarheid in de hand hebben wij het lef om Hem af te wijzen. En eerlijk, ook na ontvangen genade moet ik zo vaak zeggen: Nu heb ik U vandaag weer gekruisigd, want ik deed weer niet wat goed was in Uw ogen. En als Hij dan zegt dat Zijn genade voor mij genoeg is en ik vandaag weer diep in zonden ben gevallen, waar blijf ik dan? Oh, zo vaak ben ik het eerst zelf weer aan het opknappen en daarmee wijs ik Hem weer af. En hoe makkelijk probeer je op eigen benen te staan, zonder hulp van Jezus, en ben je Hem vergeten in alles van je leven te betrekken? De taal van de Joden is mij niet vreemd. En als alles voor de wind gaat, willen we zo’n Koning wel dienen, maar als alles je uit handen wordt geslagen en de opstand en je boosheid door je lijf giert, mag Hij dan ook nog je Koning zijn? 

Ik weet niet hoe het met jou is, maar dan moet ik menigmaal beschaamd mijn hoofd buigen en belijden: Heere, het waren niet de Joden die U kruisigden. Het waren mijn zonden waarvoor het nodig was, maar het blijkt in mijn daden ook zo vaak mijn wens te zijn dat ik met de Joden roep: Weg met Deze! En het is zo erg dat we liever een moordenaar vrij laten rondlopen, dan dat we ons helemaal laten vrijmaken door Jezus. Wat staan we dan dichtbij dit volk. Nee, het is heel makkelijk om te kijken naar dat volk en het is ook heel makkelijk om hiermee de onbekeerden aan te wijzen, maar ook Gods kinderen moeten vandaag heel dichtbij zichzelf blijven. Want helaas moeten ook wij tot ons verdriet zeggen dat we Jezus nog steeds zo vaak afwijzen. En ik weet wel, dat er ook tijden zijn dat het anders is en dat je heel je leven aan Hem durft te geven en dat Hij alles tegen je mag zeggen, maar dat is niets anders dan Gods oneindige genade. Want steeds meer moeten wij beseffen dat als Jezus niet voor ons had gebeden, dan had ons geloof allang opgehouden. Mijn genade is genoeg! 

En buiten Jezus dan? Als je Hem nog steeds keurig op afstand hebt gehouden? Nee, niet zo bruut natuurlijk als de Joden. Niet die vreselijke woorden, maar toch… Waarom houd je Jezus buiten de deur? Waarom spreekt je hele houding: Weg met Deze? Afwijzen van Jezus is hetzelfde als Hem wegsturen. Als Hij vandaag aan de deur van je hart staat en klopt, maar jij doet niet open, sta je vandaag bij Pilatus en roept het uit: Kruist Hem, weg met Deze. Want de woorden van Jezus zijn woorden van een bedrieger, want Hij zegt dat ik de deur open moet doen, maar dat gaat zomaar niet. Jezus’ woorden kloppen helemaal niet, want er moet eerst nog wel wat gebeuren. Eerst nog die stap en dan nog die stand, dat gevoel en dat besef. Kruist Hem, deze waarheid wil ik niet! Ieder woord dat tegen Zijn Woord ingaat is een afwijzing van Jezus en zet je op dezelfde lijn als het volk. 

En nu weet ik dat deze geschiedenis heel erg dubbel is. Want stel je voor dat Jezus niet gekruisigd zou worden? Stel je voor dat Pilatus genoeg overredingskracht had gehad om Jezus vrij te pleiten? Dan was er geen verlossing geweest voor zondaren. Toch staat de verantwoording voor alle mensen om Jezus niet af te wijzen en Hem als Koning te aanbidden op de eerste plaats. Natuurlijk moest Jezus in Gods plan worden afgewezen en lijkt het bijna onmogelijk om te zeggen: Dit hadden de Joden nooit mogen doen. Toch blijft staan dat zij de Zoon van God kruisigden. Daarmee komt bij het afwijzen van Jezus voor ons veel dichterbij dat wij zonder Hem willen leven en dat dit dan niet ten koste gaat van Gods plan met deze wereld als wij Hem wel aannemen. Maar dit eerst moeten we zo laten staan als het er staat. Toch is er nog iets dat we moeten benoemen. Want er was nog iemand die wilde dat Jezus gekruisigd werd. Er was nog iemand die zei: Kruist Hem! Ja, zeg je, de duivel natuurlijk. Ja, hij ook, maar over hem wil ik het maar even nu niet hebben, want je zou zomaar de schuld van je schouders afgooien en op de duivel gooien. Nee, er is nog iemand. 

Er was een Vader in de hemel, Die zei: Kruist Hem! Toen ik over deze tekst zat na te denken en dit naar boven kwam, toen kon ik niet anders dan stil worden. Want bij het besef dat God de Vader zei dat Zijn Zoon aan het kruis moest, dan kan ik alleen maar heel diep buigen in aanbidding. Want dan hoor ik de Vader zeggen: Mijn Zoon, Ik wil U doodspijkeren aan het kruis. Ik wil U vervloeken aan het vloekhout van een godslasteraar. Ik wil U maken tot een godslasteraar om godslasteraars vrij te maken en te verzoenen met Mij. In deze zee verzinken mijn gedachten. Ook die van jouw? Deze diepte is zo diep en het is als een oceaan van eeuwige liefde van de Vader voor zondaren. Want wie had God de Vader ooit kunnen verplichten om Zijn Zoon te laten kruisigen? 

De Vader zag het lijden van Zijn Zoon en Hij zag het geroep van het volk en het was Zijn welbehagen om Hem te verbrijzelen. De Vader zei in het heetst van de toorn over de zonde tegen Zijn Zoon: Weg met Deze! Hij stuurde Zijn Zoon weg, om verloren zonen en dochters Thuis te brengen. Hij zond Zijn Zoon, Zijn enige de hel in, Hij stuurde Hem de eeuwige Godverlatenheid in. Hij liet de liefde tot Zijn Zoon los, omdat Hij Zijn liefde wilde betonen aan zondaren die Zijn Zoon zelfs afwezen en wilden doden. Hij deed het voor mij, die telkens als Jezus zegt: Mijn genade is u genoeg en ik toch weer bezig ben om met iets anders dan genade toe te komen.  

Mag dit nu vandaag eens landen in je hart? Mag dit vandaag eens een vuur van ontzag en aanbidding ontketenen in je leven? Mijn Zoon, ga nu! Welke vader kan dit tegen zijn zeggen? Welke vader kan zeggen tegen zijn kind: Sorry joh, maar er zijn mensen die mij haten die wil ik toch met mij verzoenen en daarom moet jij sterven. En niet zomaar sterven, maar de meest vreselijke dood die er bestaat. Deze onbegrijpelijke liefde van God de Vader zit achter deze twee woorden van onze tekst. En weet je wat Jezus zei? Vader, kruist Mij! 

Broeder, zuster kun je dit nog begrijpen? Ik krijg het niet klein. Dit komt zo binnen dat het mijn hele denken stilzet. Mijn Jezus, deed U dit voor mij? En ik, ik dwaal telkens weer weg en wijs U telkens weer af. Leer mij Uw lijden recht betrachten, in deze zee verzinken mijn gedachten. Zullen we maar niets meer zeggen? Zullen we dan maar stil worden en ons verwonderen om zoveel liefde? Dat God dit deed zodat jij en ik nimmermeer tot schande zouden worden. Jezus bad in de hof van Gethsemané: Vader indien het mogelijk is, laat deze drinkbeker aan Mij voorbijgaan. En hier is het antwoord van de Vader: Kruist Hem! Nee, zelfs de wereld vond geen schuld in Hem, maar kruist Hem. Want Ik zie alleen maar schuld en zonde in Hem, want Ik heb alle zonden van de wereld op Zijn schouders gelegd en daarom moet Hij sterven. 

Hier wordt door mensen heen, het hemelse vonnis van de Vader tot uitvoer gebracht en wordt het welbehagen van God volbracht. Hier gaat mijn Jezus naar het kruis om door God verlaten te worden en mij vrij te maken van al mijn schuld en zonde. Hier wordt volbracht wat ik nooit had kunnen volbrengen. En onder deze woorden mogen wij vandaag stil worden. In het besef dat de Vader Zijn Zoon losliet om mij, daar mogen wij vandaag onder buigen. En je zult merken dat hoe meer je dit laat landen in je hart, hoe minder woorden er overblijven om dit wonder van Gods Vaderliefde onder woorden te kunnen brengen. En dan wordt het toch steeds meer je gebed: Heere, laat mij U nooit meer afwijzen? Heere, laat mijn wil in alles gelijk zijn aan de Uwe en als U zegt dat Uw genade voor mij genoeg is, laat dat dan ook werkelijk voor mij genoeg zijn. Laat ik nooit meer door mijn woorden en daden naast dat volk gaan staan om te roepen: Weg met Deze. Maar laat ik iedere dag gebogen liggen onderaan het kruis in aanbidding voor het wonder dat U, Heere Jezus gekruisigd wilde worden en dat U, lieve Vader, Uw Zoon gaf voor mij. 

Maar als je nu nog steeds naast dat volk staat en zegt: Weg met Deze? Dat zul je dan misschien niet met deze woorden doen, maar misschien wel met een heleboel vroomheid die haaks staat op het bevel van Jezus. Kun je nu nog zeggen dat je deze Jezus niet wilt? Kan dat echt nog? Misschien dat je nog van Jezus zou kunnen zeggen: Hem niet. Maar als je nu hoort dat de Vader Zijn Zoon overgaf, dat de Vader zegt: Kruist Hem, kun je dan nog blijven zitten waar je zit? Is het dan echt mogelijk voor je, om onder zoveel zondaarsliefde gewoon te blijven zeggen: Nee hoor, Jezus nu even niet. Doe Hem alsjeblieft weg, want ik wil Hem niet! Kun je dat? Misschien dat je gemerkt hebt, dat ik de diepte van de woorden “Kruist Hem” die ook de woorden van de Vader waren, niet onder woorden kon brengen. En kun jij dan echt Jezus vandaag nog blijven afwijzen. Ik kan het eigenlijk niet geloven. Als nu Jezus vandaag zegt: Bekeer je en gelooft het Evangelie, kun je dan nog steeds zeggen: Nee, deze Jezus wil ik niet? Deze Jezus die door Zijn Vader werd doodgespijkerd aan het vervloekte kruis? 

Kom nou toch eens joh, kom nou eens onder dat kruis, ga eens weg bij die menigte en houd je mond eens een poosje. Laat alle ja-maars eens voor wat ze zijn en luister nu eens goed, je hoort het God de Vader zeggen: Kruist Hem! En Hij roept het je toe: Dit offer voldoet aan Mijn eis. Dit offer was nodig voor jouw schuld en wil je dan echt niet buigen? Wil je dan echt vandaag niet zeggen: Heere Jezus, dat U dit moest lijden is mijn schuld! Mijn zonden brachten U aan het kruis en U ging! Alles was verloren en er was geen hoop, maar nu waren de Vader en de Zoon het eens en God ging Zelf aan het kruis. Het gaat mij te ver en te diep en kun jij daar nog steeds koud onder blijven? 

We kunnen vandaag maar twee dingen doen. Of we wijzen Jezus helemaal af en zeggen: Weg met Deze. Maar dan is er ook geen zaligheid te vinden en zal God alle straf van jou hand afeisen. Maar je mag vandaag ook meekomen naar het kruis om daar te buigen. En misschien dat je daar nog nooit bent geweest en dat je nog niet verder bent gekomen dan de rechtszaal bij Pilatus om daar te pleiten voor Zijn dood. Maar kom dan vandaag eens mee, en kom die heuvel eens op. En kijk eens omhoog en zie dat het waar is dat de Vader er een welbehagen in heeft om Zijn Zoon te doden. Zie Hem hangen aan het kruis, zie Hem, Die geen zonden deed. Zie Hem Die macht had om het kruis te verachten en hoor Hem Die zei: Kruist Hem. Voor jou! En als je daar vandaag voor het eerst mag buigen, dan komt Zijn bloed over jou! Want het was natuurlijk wel waar wat het volk uitkraamde: Dat Zijn bloed kome over ons en onze kinderen. Ja, zei dachten daar wel anders over, maar het was het welbehagen van God de Vader om het bloed van Zijn Zoon over deze aarde te storten, zodat er bloed zou zitten aan de deurposten van jouw hart en dat de verderfengel voor eeuwig voorbij zou gaan. Geen dood meer, straks alleen nog ontslapen om met Christus straks in eeuwigheid op te waken. Wil je dan nog steeds niet buigen? Zijn bloed zal je dan straks veroordelen.
Maar allen die door dit wonder bogen in aanbidding voor deze Jezus en het Hem hoorden zeggen: Mijn God, waarom heeft U Mìj verlaten, die roepen het uit: Mijn Jezus, ik houd van U.


Zou ik ook geroepen hebben:
“Kruisig, kruisig Hem?”

Zou ik ook gezegd hebben,
dat ik Hem niet ken? 

Zou ik dat ook hebben gedaan,
of denk ik dat ik anders ben? 

Vergeef me Heer,
dat U ook voor mij
de kruisweg bent gegaan
aan ’t kruis mijn zonden op U nam
en ze droeg als een onschuldig Lam. 

Uw lichaam verbroken
Uw bloed dat voor mij vloeit.
Ik kan het niet begrijpen
dat U zoveel voor mij voelt.

 * Heb je vragen? Klik op de envelop