Uitkomsten tegen de dood


Voorgaande weekoverdenkingen klik op 'Gebed & Meditatie'

Lezen: Psalm 68:1-21   -   Tekst: Psalm 68:21

  1. Een psalm, een lied van David, voor den opperzangmeester.

  2. God zal opstaan, Zijn vijanden zullen verstrooid worden, en Zijn haters zullen van Zijn aangezicht vlieden.

  3. Gij zult hen verdrijven, gelijk rook verdreven wordt; gelijk was voor het vuur smelt, zullen de goddelozen vergaan van Gods aangezicht.

  4. Maar de rechtvaardigen zullen zich verblijden; zij zullen van vreugde opspringen voor Gods aangezicht, en van blijdschap vrolijk zijn.

  5. Zingt Gode, psalmzingt Zijn Naam; hoogt de wegen voor Dien, Die in de vlakke velden rijdt, omdat Zijn Naam is HEERE; en springt op van vreugde voor Zijn aangezicht.

  6. Hij is een Vader der wezen, en een Rechter der weduwen; God, in de woonstede Zijner heiligheid.

  7. Een God, Die de eenzamen zet in een huisgezin, uitvoert, die in boeien gevangen zijn; maar de afvalligen wonen in het dorre.

  8. O God! toen Gij voor het aangezicht Uws volks uittoogt, toen Gij daarhenen tradt in de woestijn; Sela.

  9. Daverde de aarde, ook dropen de hemelen voor Gods aanschijn; zelfs deze Sinai, voor het aanschijn Gods, des Gods van Israel.

  10. Gij hebt zeer milden regen doen druipen, o God! en Gij hebt Uw erfenis gesterkt, als zij mat was geworden.

  11. Uw hoop woonde daarin; Gij bereiddet ze door Uw goedheid voor den ellendige, o God!

  12. De HEERE gaf te spreken; der boodschappers van goede tijdingen was een grote heirschaar.

  13. De koningen der heirscharen vloden weg, zij vloden weg; en zij, die te huis bleef, deelde den roof uit.

  14. Al laagt gijlieden tussen twee rijen van stenen, zo zult gij toch worden als vleugelen ener duive, overdekt met zilver, en welker vederen zijn met uitgegraven geluwen goud.

  15. Als de Almachtige de koningen daarin verstrooide, werd zij sneeuwwit als op Zalmon.

  16. De berg Basan is een berg Gods; de berg Basan is een bultige berg.

  17. Waarom springt gij op, gij bultige bergen? Dezen berg heeft God begeerd tot Zijn woning; ook zal er de HEERE wonen in eeuwigheid.

  18. Gods wagenen zijn tweemaal tien duizend, de duizenden verdubbeld. De Heere is onder hen, een Sinai in heiligheid!

  19. Gij zijt opgevaren in de hoogte; Gij hebt de gevangenis gevankelijk gevoerd; Gij hebt gaven genomen om uit te delen onder de mensen; ja, ook de wederhorigen om bij U te wonen, o HEERE God!

  20. Geloofd zij de Heere; dag bij dag overlaadt Hij ons. Die God is onze Zaligheid. Sela.

  21. Die God is ons een God van volkomene Zaligheid; en bij den HEERE, den Heere, zijn uitkomsten tegen den dood.

Psalm 68 vers 10 is een psalm die door heel veel mensen graag wordt gezongen en zeker de laatste woorden: “Hij kan, en wil, en zal in nood, zelfs bij het naderen van de dood volkomen uitkomst geven. Het zijn voor heel veel mensen bekende, maar vooral ook geliefde woorden. 

Maar laten we elkaar een paar vragen stellen. Wat is dit dan voor uitkomst? En betekent dit dan dat je zo lang mag uitstellen totdat je de dood in de ogen kijkt? Immers is er toch wel uitkomst bij God. Velen lijken wel zo te denken. Kerkbanken vol met mensen die eerlijk onbekeerd in de kerk zitten en hopen dat het ooit nog goed zal komen. Jongeren in de kerk die zichzelf voorlopig nog veel te jong voelen om echt te geloven in Jezus. Want dan moet je alles toch echt opgeven. Ik spreek soms jongeren die tegen mij zeggen: Kom, niet zo’n haast, ik ben nog jong genoeg. Laten we eens kijken naar wat de Bijbel zegt in de tekst, waarvan deze psalm is afgeleidt.

Bij de Heere, bij de Heere zijn uitkomsten tegen de dood. God is een God van volkomen zaligheid. En als er dan iets opvalt, is het wel dat alle gevoel dat uitstel een optie is, is verdwenen. En natuurlijk kunnen we het over uitkomst hebben die heel sterk lichamelijk is. Dat is ook het eerste dat we in de psalm tegenkomen als we daarnaar kijken. Maar er is meer te zeggen over de uitkomst die God wil geven. De Bijbel spreekt heel duidelijk over een leven na dit leven. En de meeste mensen zeggen het ook, zelfs als ze nooit naar de kerk gaan: Er zal best wel iets zijn na dit leven. En inderdaad Gods Woord zegt dat er na dit leven een eeuwigheid is. En iedereen zal daar zijn of haar plaatsje krijgen.  

Na de dood is er leven, eeuwig leven. En waar en hoe jij dat zult doorbrengen, is afhankelijk van je relatie met God. God zal het zijn die straks een ieder zijn of haar plaats zal wijzen. En dan is het waar wat David zegt in vers 2: God zal opstaan, Zijn vijanden zullen verstrooid worden en vluchten. Nee, nog sterker: God zal Zijn vijanden verslaan. Maar Zijn vrienden, de rechtvaardigen zullen opspringen van vreugde. Dat is wat psalm 68, en wat de hele Bijbel ons leert. Hij wijst ons door Zijn Woord heen, twee wegen: hemel of hel, zegen en vloek. En God is niet uit op de ondergang van wie dan ook, maar degenen die zich tegen Hem keren en zonder Hem willen leven, die zal Hij verslaan. Maar degenen die God als hun Koning kennen en aanbidden, daarvoor is een eeuwige toekomst en daarvan zegt David al in deze psalm: Diegenen zullen opspringen van vreugde. Wel, hoe is het in je leven? Ben je een vijand van God, of ben je door Zijn genade een vriend van Hem geworden. Ben je een rechtvaardige? Of een vijand. Vorige keer hebben we gezien hoe dat je, als Jezus je Zaligmaker is, je rechtvaardig bent voor God. Maar daarbuiten ben je een vijand van God en dat heeft ernstige gevolgen.

Als we vandaag David in deze psalm ontmoeten, weten we niet precies in welke omstandigheden hij zich bevond. Het lijkt waarschijnlijk dat hij midden in de strijd zit. En hoe vaak is dat in zijn leven al niet gebeurd. Telkens komt hij in oorlog terecht. Hoe vaak is David al niet naar het leven gestaan? Hoe vaak heeft hij al niet moeten vrezen voor zijn leven? Zijn eigen zoon Absalom heeft hem naar het leven gestaan. Vele vijanden hebben het op hem gemunt. Of eigenlijk moeten we maar zeggen dat de duivel het op David had gemunt, want als David zou sterven, zou de Messias niet geboren kunnen worden. En dan zingt David, misschien hier wel midden in de strijd: God zal opstaan. En dan kunnen we niet alle verzen van deze psalm behandelen. Verschillende aspecten worden genoemd. Telkens weer benoemd David hoe God is en Wie God is. En telkens benoemt hij de macht van God. En dan komen we bij het 21e vers. Die God is ons een God van volkomen zaligheid.En het woord dat gebruikt wordt in het Hebreeuws voor ‘zaligheid’ dat kunnen we beter vertalen met ‘redding’ God is een God van volkomen redding. Redding? Wat voor redding dan?  

In de eerste plaats moeten we de tekst laten staan zoals hij er staat. Redding zoals David het hier beschrijft is geen redding die gericht is op het leven na dit leven. Het is geen redding die gericht is op onze ziel. David spreekt hier in de eerste plaats over redding ten aanzien van zijn vijanden. God is voor hem de Almachtige God die hem helpen wilt, maar ook helpen zal. En dan gaat hij zelfs nog verder. Zelfs als de dood ermee gemoeid is. Zelfs dan is God almachtig om hem te helpen. Zo is het met David gesteld en zo kijkt hij naar zijn God. Zelfs als alles hem tegen is, zelfs dan is zijn God, die God die volkomen redding geeft. Zo is God voor degenen die op Hem vertrouwen. En hoe vaak heb jij strijd in je leven? Ook Gods kinderen hebben te maken met strijd. Ook na ontvangen genade gaat het leven niet altijd van een leien dakje. En hoeveel strijd kan er niet zijn. En hoe vaak heb je al gedacht dat je ten onder zou gaan? Vijanden, misschien geen letterlijke, maar wel vijanden die je geloofsleven leken te doden. En jij, die zonder vergeving van je zonden leeft, hoe vaak heb jij gedacht dat het nooit meer goed zou komen? Afgelopen week stond ik aan het sterfbed van een man die al een paar maanden ernstig ziek was. Dan zie je de strijd, maar de dood lijkt het te winnen. De krachten nemen af en dan? Sta je er dan helemaal alleen voor? Geen God aan je zijde met wie je door de doodsjordoon kunt komen? Is het zo erg in je leven? En dan te horen zeggen dat er bij God uitkomsten zijn tegen de dood. 

En eigenlijk hebben we het dan alleen nog maar over dit leven. Dan kijken we nog niet eens verder. God is een God van redding, zegt David vandaag tegen ons. Zo heeft David zijn God leren kennen. God is een God van volkomen redding. En als je op deze God durft te vertrouwen dan geldt het wat David op een andere plaats zegt: Hoe diep de nood ook zal gaan, hij zal je niet aanraken. Betekent dat dan dat er geen verdriet is? Zou er dan geen dood meer zijn? Zullen we het maar eens aan David vragen? Zeg David, is er dan geen moeite en geen verdriet meer in je leven? David zal het je zeggen: Moeite en verdriet is er genoeg, ik verloor mijn zoon Absalom. Ja, hij vervolgde mij wel, maar hij was wel mijn zoon. Mijn beste vriend en broeder, ben ik in de oorlog kwijt geraakt. En zo kan ook David nog wel even doorgaan. Hij veel ellende gezien in de oorlog. Maar hoe kun je dat dan dragen? David wijst op God! En zelfs met de dood voor ogen, wordt David niet hopeloos. Want bij die God van redding is niet alleen redding in het dagelijkse leven, maar bij deze God is zelfs redding tegen de dood. En na de dood… Dan is er volkomen redding bij deze God. Zo zelfs dat de psalmist van psalm 49 uitjubelt: “maar na de dood is het leven mij bereidt en zal God mij opnemen in Zijn heerlijkheid.” 

Dus God kan er voor zorgen dat we niet sterven? Ja, dat kan Hij. Toch gaat Gods weg wel vaak anders dan dat wij graag zouden willen. Gods weg is een weg die soms over de bodem van de zee lijkt te gaan en heel vaak lijkt de levensweg onbegaanbaar. En als dan ook de dood er nog mee gemoeid is. Als dan de ziekte zo zijn verwoestende werk doet en dat er geen houden meer aan is? Dan lijkt het alsof God niet meer machtig is om een omkeer te geven. Toch is dat niet redelijk om zo met God om te gaan. Want toen Hij ons geschapen had, was Hij het niet die ons waarschuwde: Als je zondigt, dan zul je de dood sterven. En als nu de dood komt, doen wij net alsof God het verkeerd doet. Wij kozen toch zelf voor de dood in ons leven? En nu kan en wil God toch nog uitkomst bieden tegen de dood. We zien in het 10e vers van de berijmde psalm 68 dat deze het iets anders zegt dan wat we hier in de onberijmde versie lezen. Hier staat dat God uitkomsten heeft tegen de dood. In vers 10 zingen we: “Zelfs bij het naderen van de dood, volkomen uitkomst geven.” Nee, het gaat de psalmist hier niet om het moment vlak voor de dood. Alsof je alles op het laatst kan laten aankomen, want dan kan het toch nog wel bij God. Dat zegt hij hier helemaal niet. Hij zegt dat er bij God uitkomsten zijn tegen de dood. En is dat verschil nu zo belangrijk dan? Ja, dat verschil is heel belangrijk. Want het gaat hier niet om een moment vlak voor de dood. Maar David zegt hier veel meer dat de dood een feit zal zijn. En dan zegt hij: Maar bij God zijn daar uitkomsten tegen. En of je nu morgen sterft, of dat je over 50 jaar sterft, dat maakt niet uit. David zegt hier dat er uitkomst is, voor dat moment. En of dat binnenkort is, of dat dit over langere tijd is. Er zijn uitkomsten tegen de dood bij God. En die geeft God, nu in dit leven.

Wij denken in leven en dood. Wij denken in tijd. Maar zo is God niet. God is eeuwig. God is dus niet in de tijd, maar God bestaat in eeuwigheid. Dat is tijdloos. En wij denken in termen van leven en na dit leven. Ten diepste is dat er bij God niet. Ook wij zijn ten diepste eeuwige mensen. Ons lichaam sterft wel, maar onze ziel niet. En als David nu zegt dat er bij God uitkomsten zijn tegen de dood, dan bedoeld David ten diepste te zeggen dat er bij God uitkomst is tegen dat wat in ons tijdelijke leven de dood genoemd wordt. Bij God is er geen einde aan ons bestaan. Alleen maakt het God wel uit hoe wij in dit leven hebben geleefd. En er zijn bij God uitkomsten, tegen de lichamelijke dood. En soms redt God op een wonderlijke manier. Maar we moeten vandaag een stap verder zetten. Er zijn bij God ook uitkomsten tegen de dood, maar dan in de zin van de dood en de beslissing die daarna zal vallen. Want op het moment dat wij sterven, zal God ons oordelen. En dan wordt het voor ons, hemel of hel. Onze eeuwige bestemming zal God straks aanwijzen. En als wij ons leven, heel eerlijk naast Zijn wet leggen? Dan kunnen jij en ik niet anders zeggen dan dat het een hopeloze optelsom is. Want wij leven allemaal heus wel netjes hoop ik. Maar bij God is er geen verschil tussen grote en kleine zonden. Een leugen is bij God ten diepste net zo erg als een moord. Want het gaat God erom dat we Zijn wet overtreden. En als we dan bedenken dat Gods heeft gezegd dat als wij zondigen, dan zullen wij sterven naar het lichaam, maar dan zal onze ziel, ons eeuwige bestaan in de eeuwige pijn terecht komen. Dat zou de dood moeten zijn. 

En dan zou ik nu kunnen zeggen: zo, dat is gezegd. Maar dan blijven we staan op een plaats waar God jou en mij niet wil hebben. God wil ons niet in de dood storten tot in eeuwigheid. En dan zegt David: Bij de Heere zijn uitkomsten tegen de dood. Welke dood? Nou, de dood waarna het oordeel van God zal komen. Daar is uitkomst tegen. Nee, niet bij ons. Dat zegt David niet. David zegt niet dat er uitkomsten zijn bij ons, tegen de dood. Maar bij God. Dan verteld deze psalm ons dat God de vijanden van Hem zal verslaan. Maar ook de geestelijke vijanden wil God verslaan. Want ook de dood is een vijand. Of wilde je het anders noemen? Dan zou je eens bij een sterfbed moeten gaan staan. Of de dood een vijand is. Niet zo vreemd, want elk mens beseft dat dan het einde nadert. En toch, hoewel God ons zou moeten doodslaan vanwege onze zonden. Toch geeft God uitkomst. Stapt God dan over Zijn wet heen. Doet Hij een hand voor Zijn ogen? Is dat de uitkomst bij God. Gelukkig niet, want dan zou Gods Woord niet meer betrouwbaar zijn. Dan zouden we God niet meer kunnen vertrouwen. Nee, maar God laat de straf over de zonde betalen door Christus, door Jezus, Zijn eigen Zoon. Als David hier zegt dat er bij God uitkomsten zijn tegen de dood en dat God een God is van volkomen redding en zaligheid, dan verkondigt hij ons hier het volle Evangelie. En eigenlijk begint hij daar al mee. God is opgevaren in de hemel en heeft de gevangenis weggevoerd. De dood heeft God Zelf overwonnen. Daarom zond Hij Zijn Zoon naar deze wereld. Hij zendt Jezus naar deze wereld en laat Hem de straf betalen, door Hem aan het kruis van Golgotha te laten sterven. Dat doet God en daarmee is er uitkomst tegen de dood. Nee, die uitkomst hoeft er niet meer te komen, er is uitkomst.  

En als jij Jezus Christus als je Zaligmaker hebt omhelsd en Hij je Redder is, dan is de dood naar lichamelijke maatstaven misschien nog wel iets heel vreselijks. En als je sommige mensen intens ziet lijden aan een ziekte, dan moet dat echt vreselijk zijn. Maar die uitkomst tegen de eeuwige dood, het bloed van Jezus Christus, als dat op de deurposten van je hart is aangebracht door het geloof in Hem, dan is die uitkomst definitief. Dan is de dood niet anders dan de doorgang naar het eeuwige leven. Dan is voor jou en mij na de dood het leven mij bereidt. En dan hoef je niet eens strijdend de hemel meer binnen te gaan, want dan zal God je opnemen in Zijn heerlijkheid. Is dat geen heerlijk uitzicht. O, dan kan de dood ons enorm benauwen en kan er een doodsstrijd zijn die niet te beschrijven is, maar weet dan dat die strijd niet zal opwegen tegen de heerlijkheid die aanstaande is. Want met de uitkomst die er in Christus is, is de toekomst zo zeker. Nee, dan gaat het niet om de hemel, maar dan gaat het om de verzoening die er is tussen de Heere en je ziel. Dan gaat het om datgene, dat God geen straf meer hoeft en zal geven en dat het weer goed is tussen de Heere en je ziel. Want de dood verkondigt ons de enorme schuld die ons met schrik vervuld. Maar als God na de dood het leven jou heeft bereidt doordat Hij uitkomst gaf door Zijn Zoon, dan staat er geen schuld meer open bij God. Dan hoeft bij de dood, God niet langer meer te zeggen: Jij, zondaar, jij moet voor eeuwig pijn lijden. Nee, God geeft hierdoor uitkomst. Want toen Jezus stierf was er bij God voldaan aan de straf die Hij had uitgesproken.  

Komt dan nu dan toch iedereen in de hemel? Krijgt iedereen dan toch die uitkomst? We begonnen net met deze psalm door te zeggen dat God zal opstaan en Zijn vijanden zal verslaan. Dus God stapt niet over Zijn vijanden heen en zegt: Nou, je had wel niets met Mij, maar vooruit, Jezus stierf voor de zonden van de wereld, jij bent ook vrij. Nee, zo werkt het niet. God heeft uitkomst, tegen de dood, tegen de eeuwige straf. Maar het is net al ik een grote schuld heb en iemand wil die schuld voor mij voldoen, maar ik wil dat niet, dan zegt mijn schuldeiser niet: Er was wel iemand die wilde betalen, maar ik heb dat geld niet gekregen omdat jij het niet wilde, maar laat nu verder maar. Nee, dan staat de schuld nog steeds open. In Jezus heeft God Zelf voor betaling gezorgd, maar als je deze Jezus niet als jouw Borg wilt aanvaarden en als je niet in Hem wilt geloven en Hem laat staan, dan leef je met een openstaande schuld. 

En dan staat er echt in deze psalm dat er bij God uitkomsten zijn tegen de dood! Ja, echt waar. De dood hoeft geen schrik meer aan te jagen. De dood hoeft voor jou en voor mij geen verschrikking te zijn. Want er is uitkomst. Het is vandaag alleen de vraag of je met die uitkomst wil leven. En vandaag klinkt, dit Evangelie. Jezus wil al je schuld betalen en dan zal de dood niet vreselijk zijn, maar dan zal er na de dood een heerlijk leven beginnen. Want na de dood is het leven mij bereidt en neemt God mij op in Zijn heerlijkheid. Er is met deze God een echte, heerlijke toekomst. Niemand van ons hoeft in de eeuwige pijn te komen, niemand van ons hoeft in dit leven alleen zijn of haar weg te gaan. Want God heeft uitkomst. Voor de tijd, maar ook voor de eeuwigheid. En als al jouw zonden vergeven zijn, omdat Jezus daarvoor bij God betaalde en jij daarom op Hem durfde te vertrouwen, dan bent je voor eeuwig verlost van de straf op de zonde. En hier in dit leven, heb je die God aan je zijde. 

Want als er bij God volkomen redding en zaligheid is, ja als er bij God redding is zoals David dat heeft ervaren voor dit tijdelijke leven, dan is dat niet los te verkrijgen. Ik kom soms mensen tegen die in de moeiten tot God gaan bidden en denken dat terwijl ze ten diepste niets met God hebben en Jezus laten staan, dat God dan toch wel aardig voor hen wil zijn. Maar van deze gedachte laat psalm 68 echt niets over. Want als je onverzoend met God leeft, dan is God een vertoornd God en een verterend vuur. Zijn vijanden zal Hij verjaagd, verstrooid doen vluchten, de eeuwige ondergang in. Waarom zou God je helpen, als jij niet in Hem wilt geloven? Gods hulp en Gods liefde in dit leven is niet los verkrijgbaar. Gods liefde en trouwe zorg is slechts gegeven aan hen die Hem liefhebben. Die de uitkomst die God Zelf gaf in Christus in geloof leerden aanvaarden. Dan kan en wil en zal God in nood zelfs bij het naderen van de dood, echt uitkomst geven. 

Hoe staat het er voor in je leven? Ben je het eigendom van Christus? Dan is er uitkomst, dan mag je straks als een duif met gouden veren pronken. Goud dat op Golgotha werd verdiend door Jezus Zelf en dat Hij bereidde door Zijn goedheid voor ellendige zondaren. Want God zal voor Zijn lievelingen de hemel in gereedheid brengen en Hij zal opstaan en alle vijanden verslaan. Hij zal komen en de aarde zal daveren omdat God er Zijn voetstappen zet. En in het goud mogen al de Zijnen schitteren. Nee, niet zelf gemaakt, geen waterverf, maar goud aangebracht door de Koning Zelf. En zo mogen wij straks in kleding rijk gestikt tot onze Koning gaan. IS dat dan geen uitkomst? Dan kan hier op aarde de duivel te keer gaan en Hij kan het leven ondragelijk maken. Hij kan je aanklagen, maar God belooft je vandaag dat Hij uitkomst biedt. Voor eeuwig. Hij is een God van volkomen redding en volkomen zaligheid. Nee, niet alleen voor die leven, maar tot in eeuwigheid. 

En is deze boodschap niet een boodschap van vreugde? Is dit niet alles goud wat er blinkt? Is deze uitkomst niet het onmogelijk wonder, door Gods hand bereidt? Kun je dan deze uitkomst van je afduwen? Denk jij, die zonder Jezus leeft, dat er een andere uitkomst is tegen de eeuwige dood? Wat moet jij dan meebrengen bij God als Hij opstaat tot de strijd? Wat moet je doen als Gods legerwagens komen, tweemaal tienduizend sterk? Je zult ten onder gaan en er is geen uitkomst. De ondergang is zeker. Maar de rechtvaardigen mogen en zullen opspringen van vreugde. Die haalt Hij binnen. En jij, nu nog een onrechtvaardige omdat het bloed van Christus voor jou niet van waarde was, vandaag wordt het je weer verkondigd dat God door Zijn uitkomsten, goddelozen en vijanden wil verzoenen met Zichzelf. Alleen maar omdat God uitkomst heeft gegeven. Geloofd zij de Heere, Hij overlaadt ons ook deze dag weer met Zijn gunstbewijzen. Die God zegt het vandaag: Ik ben de God van jouw Zaligheid. Daarom geloof vandaag nog in Christus en deze God is ook jouw redding.

 * Heb je vragen? Klik op de envelop