Betrouwbaar en vol zorg
Weekoverdenking: 22 september – 28 september
Voorgaande weekoverdenkingen klik op 'Gebed & Meditatie'
Lezen: Jesaja 40:1-11 - Tekst: Jesaja 40:8 en 11
1. Troost, troost Mijn volk, zal ulieder God zeggen.
2. Spreekt naar het hart van Jeruzalem, en roept haar toe, dat haar strijd vervuld is, dat haar ongerechtigheid verzoend is, dat zij van de hand des HEEREN dubbel ontvangen heeft voor al haar zonden.
3. Een stem des roependen in de woestijn: Bereidt den weg des HEEREN, maakt recht in de wildernis een baan voor onzen God!
4. Alle dalen zullen verhoogd worden, en alle bergen en heuvelen zullen vernederd worden; en wat krom is, dat zal recht, en wat hobbelachtig is, dat zal tot een vallei gemaakt worden.
5. En de heerlijkheid des HEEREN zal geopenbaard worden; en alle vlees te gelijk zal zien, dat het de mond des HEEREN gesproken heeft.
6. Een stem zegt: Roept! En hij zegt: Wat zal ik roepen? Alle vlees is gras, en al zijn goedertierenheid als een bloem des velds.
7. Het gras verdort, de bloem valt af, als de Geest des HEEREN daarin blaast; voorwaar, het volk is gras.
8. Het gras verdort, de bloem valt af; maar het Woord onzes Gods bestaat in der eeuwigheid.
9. O Sion, gij verkondigster van goede boodschap, klim op een hogen berg; o Jeruzalem, gij verkondigster van goede boodschap, hef uw stem op met macht, hef ze op, vrees niet, zeg den steden van Juda: Zie hier is uw God!
10. Ziet, de Heere HEERE zal komen tegen den sterke, en Zijn arm zal heersen; ziet, Zijn loon is bij Hem, en Zijn arbeidsloon is voor Zijn aangezicht.
11. Hij zal Zijn kudde weiden gelijk een herder; Hij zal de lammeren in Zijn armen vergaderen, en in Zijn schoot dragen; de zogenden zal Hij zachtjes leiden.
Er zijn momenten dat Gods kinderen denken dat het een verloren zaak is. Momenten
dat er niets meer is, waarop je kunt hopen, omdat alles weg lijkt te zijn. En
misschien voel je dat nu wel zo, dat de Heere zover weg lijkt, dat het wel lijkt
dat er nooit iets in je leven is gebeurd. O, er zijn wel momenten geweest dat je
dacht dat het echt was, maar nu, het is zo koud van binnen en er is geen hoop
meer over. Het kan voor iedereen, behalve voor jou.
Of misschien dat je nog nooit iets hebt kunnen geloven van de vergeving van je
zonden en dat je niet kunt sterven. Alles lijkt onder je handen af te breken en
hoop heb je al helemaal niet. En je hebt gelijk, er is ook helemaal geen hoop.
Er is ook niets waardoor je zou kunnen denken dat het goed zal komen. Tenminste,
in deze wereld is er echt niets te vinden. En Jesaja wist daar al alles van. Dat
blijkt wel in dit hoofdstuk. Hij begint wel met de jubel dat er troost is en dat
de strijd vervuld is, maar tegelijk blijkt uit alles dat er niets is op deze
aarde, dat zal blijven bestaan. Het is net als gras en net als bloemen. Gras
verdort en bloemen raken uitgebloeid. En zoals het gras is, zo is ook het volk.
We zien in dit gedeelte 2 punten naar voren komen:
1. De betrouwbaarheid van Gods Woord
2. De betrouwbaarheid van Gods zorg
1. De betrouwbaarheid van Gods Woord
Met andere woorden, jij en ik, we zijn niet meer dan een grasspriet, als God
blaast, blijft er niets meer van ons over. En eerlijk is eerlijk, als de Heere
ons zou doen vergaan als een grasspriet, wie zou er ooit iets tegen God over
durven te zeggen. Alles zal toch vergaan? Er zal toch niets overblijven? Waar
zouden we op moeten hopen, want alles hebben wij verknoeid. Nou zeg je, dat valt
toch best wel mee? Zo erg is het toch niet, Gods is toch liefde en genade? Al er
één ding duidelijk is dan is het wel dat Jesaja daar nu een ander beeld heeft
van God en dat hij niet veel meer heeft om te hopen. Tenminste, als hij het
menselijk bekijkt. Hoofdstuk 40 is een hoofdstuk dat begint met de bekende
troostwoorden. En eigenlijk is de opbouw van dit hoofdstuk wel wat merkwaardig,
want het lijkt wel of Jesaja met zichzelf in gesprek is. Hij praat als het ware
tegen zichzelf. En alle tegenwerpingen om het goede nieuws te verkondigen,
weerlegd hij vervolgens weer met de gedachte dat alle mensen als gras zijn.
Het volk is in ballingschap en het is slecht gesteld met het volk. En die woorden van troost, hoe zouden die een plaats kunnen krijgen. En hoe kan het nu dat hij de heerlijkheid van de Heere moet uitroepen. Want wat heeft hij te roepen. Het enige dat Jesaja kan roepen is dat Israël in gruis ligt en slechts de bede blijft over: Heere, zie toch om naar het gruis van Uw erfdeel. De goede boodschap kun je wel uitroepen, maar er is geen reden om te hopen dat die boodschap ook vervuld zal worden. Het is niet helemaal duidelijk of dat dit wat Jesaja hier doet zijn eigen beleving is of dat dit een literaire opbouw is van dit hoofdstuk. Ook in de eerdere hoofdstukken waren er al wel lichtpuntjes in de profetie van Jesaja. Toch zet dit pas echt door vanaf het 40e hoofdstuk. Dus dit kan heel goed de beleving van Jesaja zijn als hij naar de omstandigheden kijkt. Want de boodschap dat de Heere er aan komt en dat alle dalen verhoogd en alle heuvels vernederd zullen worden, dat wat krom is, rechtgemaakt zal worden en wat hobbelachtig is, vlak gemaakt zal worden, is zo in tegenstelling met de situatie. De heerlijkheid van de Heere zal zichtbaar worden, maar dit is tegelijk het meest onzichtbare waar het volk midden inzit.
Durf jij dat te geloven dat Gods beloften nog vervuld worden? Durf jij te hopen dat er uitkomst zal komen? De heerlijkheid van de Heere zal openbaar worden in je leven? Ja maar, dat kan toch helemaal niet? Die tegenstelling zien we bij Jesaja terug, maar die tegenstelling zie jij misschien ook wel in je eigen leven. De Heere heeft naar je gevraagd, toen je heel klein, door je ouders ten doop werd gehouden, maar enige hoop op Christus heb je niet. Heel je leven heb je misschien in de zonde geleefd en je ligt nu in het donker van je zondaarsbestaan. Hoop? Alle vlees is als gras dat zal verdorren en dat zal van mij overblijven.
Misschien ben je alles kwijtgeraakt en was er dat moment dat je heel je leven in Gods handen mocht leggen, dat je op de Heere alleen mocht vertrouwen, maar nu, de ballingschap is weer het gevolg omdat je weer bij de Heere vandaan liep en dacht op eigen kracht er wel te komen. Er is misschien zoveel verdriet en zoveel pijn in je leven gekomen, waardoor alles zeker is, behalve dat de heerlijkheid van de Heere zichtbaar zal zijn in je leven.
Er zijn zoveel omstandigheden waarom we kunnen wanhopen met Jesaja. Roepen dat er toekomst is? Waar dan. Toch wel dus. Ja Jesaja, ja tobbende zondaar, er is wel degelijk toekomst. Alle vlees is als gras, inderdaad. Alle mensen zijn net bloemen, even mooi en daarna uitgebloeid. Er komt alleen een ‘maar’ in deze profetie. Het maar van het eeuwige Woord van God. In alle duisternis van ons bestaan waarin het enige licht, het vuur is van brandende stoppels gras, daar klinkt het ‘maar’ van Gods Woord. Want Gods Woord houdt stand in eeuwigheid. Tegen al ons denken en tobben, tegen al onze zonden blijft Gods Woord vast en onverbroken en laat God Zijn Woord niet los. Roep! Ja, maar er is toch niet te roepen? Jawel, de profetie van redding en van heil kan wel verkondigd worden, niet om ons, niet om wie wij zijn, maar omdat Gods Woord voor eeuwig vast is. Gods beloften blijven bestaan, ook voor Zijn volk Israël, dat het er zo slecht vanaf gebracht heeft. De ballingsschap was een feit door de zonde, en als alle hoop weg is, dan staat daar nog altijd Gods onfeilbare Woord.
En zo mag de hoop gloren voor een volk in de ellende, voor een volk dat geen enkele grond meer onder de voeten lijkt te hebben en vooral waarvan lijkt te gelden dat de Messias nooit meer geboren kan worden. Als Gods beloften lijken mijlenver weg te zijn. En als de Geest van God echt zou moeten doen, naar wat Israël gedaan had, dan zouden alle mensen als gras moeten vergaan, maar Gods Woord blijft bestaan en zelfs wat Israël er ook van terecht brengt, toch blijkt dat God Zijn belofte zal vervullen en dat de Messias straks geboren zal worden. God staat in voor Zijn eigen werk, ondanks dat het lijkt dat Israël het hele heilsplan aan stukken heeft gegooid. En daarom mag je wel de conclusie trekken dat alle vlees als gras is.
Maar Gods Woord verkondigt Israël en ons dat het heil niet door ons wordt aangebracht, maar dat het door Hem Zelf wordt aangebracht. Ik zal vijandschap zetten… Dat was Gods eigen belofte en daarom houdt Gods Woord stand in eeuwigheid. God zal Zijn heil aanbrengen en daarom mogen we het uitroepen: De heerlijkheid van de Heere zal geopenbaard worden. En wat is die heerlijkheid? Heb jij oog voor die heerlijkheid? Dat God Zijn genade groot maakt aan zondaren door Christus te laten voldoen aan Zijn Goddelijk recht. Hij stelt ons de vervulling van Zijn belofte voor, die Hij al deed in Genesis 3. En het grote wonder is dat Hij Zelf dan Zijn volk zal verlossen.
En laten we dan vandaag beginnen bij dat Woord van God dat standhoud tot in eeuwigheid. Dan mogen wij het nog veel breder trekken als dat het in Jesaja 40 al is. Het heeft hier betrekking op de komst van Christus, maar ook Petrus neemt deze zelfde woorden in zijn mond. Maar het Woord des Heeren blijft in der eeuwigheid; en dit is het Woord, dat onder u verkondigd is. En daar trekt Hij de lijn naar de wedergeboorte uit onvergankelijk zaad, door het eeuwig blijvende Woord van God. Hij wijst daar naar de wedergeboorte door het geloof in Jezus Christus. Hij is het eeuwig blijvende Woord van God. Niets meer en niets minder. Dat is het Woord dat vast is. Dat leert ons te vertrouwen op dat Woord van God. En nooit zal dat Woord vergaan. Het is onmogelijk dat de Heere ooit van dat Woord af zal gaan en dat alle beloften die Hij gegeven heeft in Christus, dat Hij die op de aarde zou laten vallen. En daarom kun jij behouden worden, omdat Gods Woord vast is en dat Zijn Zoon de weg tot Hemzelf bereidt heeft. Alles is volbracht en daarom is er hoop, ja daarom is er behoud, ook voor jou.
Slechts één ding is nodig, dat is niet zien naar wie jij bent, maar zien op het Woord van God dat altijd zal blijven en zolang jij het leven hebt, is dat Woord van God hetzelfde. Nooit zal dat veranderen. Als zelfs de moordenaar aan het kruis nog te toevlucht mocht nemen tot dat Woord, dat daar hing aan het kruis, dan geldt ook nu nog steeds dat Gods Woord eeuwig blijft. En dat is de goede boodschap, waarvan Jesaja ons hier laat horen. En dan moeten we lijn ook doortrekken naar de Heere Jezus Christus. Want dan blijft wel staan wat er staat, namelijk wat heb jij met dit offer van Jezus gedaan. Gods Woord is één, maar het tweede is wel dat de Heere geloof vraagt in Zijn Woord. Het zal niet liggen aan Gods Woord als jij verloren zal gaan, want dat Woord is onwankelbaar en God zal er niets van verdraaien. Met andere woorden: Op het moment dat jij God gelovig aanspreekt op Zijn beloften, dan zal Hij die beloften ook vervullen. Blijf daarom niet weg bij dat Woord van God, maar gebruik dat als je redmiddel dat je van God is gegeven.
Dan laat Hij Israël niet aan haar lot over. En dat is ook de troost voor jou,
als jij je vertrouwen hebt gesteld op Jezus Christus, Die het Woord van God is.
En nadat duidelijk is geworden dat de hoop die er niet meer leek te zijn er is,
omdat Gods Woord vast is, zullen we nog stilstaan bij de betrouwbaarheid van
Gods zorg.
2. De betrouwbaarheid van Gods zorg
God zal Zelf voor Zijn Israël instaan. Hij verwacht eigenlijk niet eens dat
Israël zelf overeind zal blijven. Net zo goed als dat God van jou niet verwacht
dat jij de eindstreep zal halen. Want het blijft gewoon staan: Alle vlees is als
gras. Denk nu niet dat jij, ook als Gods Woord je houvast is, overeind kan
blijven in eigen kracht. Maar als God de God is van jou vertrouwen, als dat
Woord dat onder u is verkondigd de grond is waar je op durft te gaan staan, dan
geeft God je Zijn belofte mee vandaag. Het heil ligt niet in dat gras dat wij
zijn, niet in de ballingschap, niet in de hoop dat het nog goed zal komen, maar
het heil voor jouw ziel ligt in de eerste plaats in het Woord van de belovende
God. Maar dan strekt die zorg zich nog verder uit. Troost, troost Mijn volk, zal
uw God zeggen. Omdat de strijd vervuld is, zal God ook Zelf instaan voor jouw
heil, voor jouw redding. Niet om jou, maar om Zijn eigen Woord. Dat is vast, en
dat zal nooit wankelen. Als jouw geloof wankelt omdat de zonden de overhand
hebben, als er bij jou alleen maar twijfel is, omdat alles tegen lijkt te
zitten.
Zelfs als jij met de moed der wanhoop de toevlucht zoekt bij de Heere, bij je Zaligmaker en je totaal niet meer het gevoel hebt dat de Heere je kent en naar je luistert, zelfs dan blijft Gods Woord vast en onverbroken. En de belofte uit dit hoofdstuk zal dan ook vervuld worden. Want voor alleen die af hebben leren zien van alle omstandigheden, die af hebben leren zien van al het dorre gras en hun hoop hebben gesteld op God Zelf en Zijn Woord, daarvan geldt: Hij zal Zijn kudde weiden.
Allen die op Hem vertrouwen, zal Hij niet beschaamd laten uitkomen. Ja, Israël, God houdt echt Zijn belofte. Hij zal voor Zijn eigen volk instaan, ook midden in de ballingschap. En daar waren ze door hun eigen zonden in terecht gekomen, maar daarmee betekent het niet dat Gods trouw aan Zijn volk verloren zou gaan. Want de belofte aan Israël en daarmee aan de hele wereld, zal vervuld worden. Vergeet niet dat de belofte uit Genesis 3 niet aan Israël werd gedaan, maar aan het hele menselijke geslacht. Israël was dar nog niet eens in beeld. De moederbelofte gold universeel voor de hele wereld. God zal zijn Woord vervullen en dat doet Hij dan wel via Israël, maar het heil zal voor de hele wereld gelden. En Zijn eigen uitverkoren volk zal Hij daarom uit de ballingschap terugbrengen, om Zijn belofte te vervullen en de komst van de Messias een feit laten worden. Hij zal Zijn volk leiden als een kudde.
Maar tegelijk, mogen we deze lijn vanuit Christus ook doortrekken naar Gods kinderen in deze tijd. God zal Zijn kinderen nooit loslaten, daar waar het geloof gewerkt werd door Zijn Geest, daar zal Hij Zijn kinderen ook leiden als een kudde. De grote Herder der schapen zal Zelf Zijn lammeren weiden. Ook als jij denkt dat het allemaal hopeloos is en dat jij niet het gevoel meer hebt, dat God nog naar jou omziet. Nee, op grond van jouw leven dan zou dat ook niet kunnen, maar op grond van Zijn Woord zal Hij het doen. Want als jij durft te geloven dat Zijn Woord je houvast is, dan zal Hij Zijn zorg over je uitstrekken.
En ik weet wel, dit kan zo bestreden zijn en het kan wel lijken of er niets van terecht komt en als er iemand een kind van God mag zijn, jij niet. Ik weet wel dat de duivel er alles aan zal doen om alleen maar twijfel te zaaien. Maar jouw gevoel, jouw ervaring en jouw leven is niet de grond van jouw zaligheid. Het is Gods eigen belofte dat Hij Zelf je als Zijn kudde zal weiden. De liefde van God tot Zijn kinderen, de liefde van de Vader voor hen die zich met heel hun hebben en houden vastgrijpen aan Zijn Woord, aan Jezus Christus, is zo diep dat Hij tot het uiterste gaat om Zijn kudde te verzorgen. Zelfs Zijn eigen Zoon gaf Hij om Zijn kudde te weiden. De Herder kwam Zelf af uit de hemel om Zijn kudde te weiden. En die belofte blijft staan, dwars tegen al mijn gevoel en ervaring in.
En als ik naar mijzelf kijk, en als jij naar jezelf kijkt dan zie je geen hoop, maar jouw hoop ligt alleen maar in het feit dat God Zelf jouw ziel zal bewaren, dwars door de strijd van deze tijd heen. En hoe aangevochten en bestreden je geloof ook is, kind van God. Hoe zwaar je ook wankelt en hoe diep je keer op keer weer valt, de Heere zegt tegen jou dat Hij Zijn lammeren in Zijn schoot zal dragen. De sterke arm van de Heere zal met macht regeren en de duivel zal moeten wijken. En Hij zal je niet beschaamd laten uitkomen als je op Hem je geloof en je vertrouwen hebt gesteld. En ik kan het ook niet begrijpen dat Hij zo trouw is. Want als ik herder zou zijn en mijn schapen zouden keer op keer weer weglopen en weer het spoor bijster raken, als mijn schapen willens en wetens toch weer voor het gevaar zouden kiezen, dan zou ik op een gegeven moment zeggen: Zoek het dan nu maar uit. Maar zo is de Heere niet. Hij blijft trouw aan Zijn belofte en zal die kudde van schaapjes die zien op Hem, ook werkelijk in Zijn armen dragen.
De liefde van deze Herder is zo groot. Misschien dat je de pijn en het verdriet voelt van alles wat jij er van terecht bracht. De wonden van de ballingschap zijn zo voelbaar, de striemen van de zonde schrijnen, de pijn van je twijfel en je ongeloof is onhoudbaar, maar dan zegt de Heere Zelf: Ik zal je in Mijn armen dragen en Ik zal Mijn Woord houden en met Mij zul je echt niet beschaamd uitkomen. En dan zegt de wereld: Joh, geniet toch van het leven op aarde. Maar dan zegt Gods kind: Wat genieten, er is niets te genieten als ik God kwijt ben. Maar dan zal God dat schaap werkelijk dragen. Daar waar de wereld en de godsdienst zeggen: Vandaag leef je, morgen sterf je, daar wil Gods kind, ondanks alle twijfel en aanvechting, maar één ding: Liggen in de armen van de Herder. En die belofte zal God vervullen, ook als mijn ziel het niet ziet. Heere, ik wil Uw liefde loven, zelf al begrijpt mijn ziel U niet. Zelfs als ik het niet voel, zelfs als de golven van ongeloof en zonden over mij heen klotsen, dan grijp ik Uw belofte vast en U hebt toch belooft mij te dragen door het water? En daarom, Heere, daarom val ik met twee armen om Uw Woord en grijp ik mij vast aan Uw woorden: Ik zal Mijn kudde weiden gelijk een herder.
En echt niet omdat ik het verdiend hebt, maar omdat U Heere, niet meer van Uw Woord af kan. Kijk, dat is geloof: Zelfs als ik het zicht kwijt ben om de Herder, toch te geloven dat Zijn beloften waar en zeker zijn. U hebt mij beloofd om mij te dragen, en ik zie er niets van, maar toch is het zo, want U zegt het. Dan hoef ik niet bang te zijn, zelfs al wankelt de wereld. Dan hoef ik niet bang te zijn, zelfs als alle machten van de hel het op mijn ziel hebben gemunt en mij kapot proberen te krijgen, want mijn God heeft een sterke arm en Hij zal mij leiden, Hij zal mij dragen, maar Hij zal de macht van de duisternis aan stukken slaan.
Wat een zorg van de Heere als je op Hem vertrouwt en je leven in Zijn handen legt. Maar als je nu zonder die zorg van God leeft en toch je vertrouwen stelt op gras en uitgebloeide bloemen. Alle vlees is als gras, daar kun je toch niets van verwachten? Denk je werkelijk dat het dan toch nog wel goed zal komen. Gods Woord is het enige dat jou houvast kan bieden en buiten dan Woord is alles verloren. Kom dan en zie op Jezus Christus en Hij zal je leiden, Hij zal je dragen en Zijn zorg zal je Thuis brengen. Stel het niet langer uit als je nog steeds op dat gras vertrouwt. Gods Woord is vast en zeker. Hij zal Zijn Woord houden en allen die tot Hem komen, zal Hij nooit uitwerpen.
Heb je vragen? Klik op de envelop