Samuël
Waar
is jouw hart vol van ?
Als je hart ergens vol van is, denk je daar het meeste aan.
Wat is voor jou het belangrijkste ?
Denk er maar eens over na.
Nu
gaan we over Samuël denken.
Wie is Samuël ?
Samuël is een jongen uit de Bijbel die de Heere liefheeft.
Hij is nog jong, maar hij vindt de dingen van de Heere het belangrijkste in zijn
leven.
Zijn hart is vol van gehoorzaamheid aan God.
Wat is Samuël gelukkig met zo'n gehoorzaam hart.
Wij
hebben allemaal een ongehoorzaam hart.
Wij willen, van onszelf, nooit wat de Heere wil.
Alleen de Heere kan van een ongehoorzaam hart een gehoorzaam hart maken.
Dat kan en wil Hij vandaag ook nog doen.
Als de Heere jouw hart nieuw kan maken, moet je aan Hem alleen vragen of je, net
als Samuël, een gehoorzaam hart krijgt.
Samuël
mag in de tabernakel helpen.
De tabernakel is de woning van God.
Het is een grote tent met kamers.
De tabernakel staat in Silo, een plaats in het land Israël.
In de tabernakel komen de mensen bij elkaar om de Heere te dienen.
Er is een hogepriester die de leiding heeft en er zijn priesters die hem helpen.
Ze offeren en bidden.
Eli is hogepriester en zijn zonen, Hofni en Pinehas, zijn priesters.
Eli
is oud, hij kan slecht zien.
Samuël helpt hem.
Als Eli roept, gaat Samuël er direct heen.
Het hart van Samuël is vol van gehoorzaamheid tot de Heere, maar ook tot de
hogepriester Eli.
De
Heere zegt, in de Bijbel, dat wij gehoorzaam moeten zijn aan mensen die leiding
over ons hebben.
Thuis, aan je ouders, op school aan leerkrachten en op de club aan de leiding.
De
jongens van Eli hebben een hart vol ongehoorzaamheid.
Ze werken wel in de tabernakel, maar ze hebben geen liefde in hun hart voor de
dienst van de Heere.
De jongens doen foute dingen.
Dat is heel erg.
Eli,
hun vader, doet ook fout.
Hij waarschuwt zijn jongens niet eens.
Eli laat zijn jongens zomaar doorgaan met hun verkeerde dingen.
God heeft Eli gewaarschuwd, dat hij op zijn jongens moet letten, maar Eli kijkt
niet eens boos naar hen.
De
Heere ziet dat het fout gaat in de tabernakel.
Foute dingen moet de Heere straffen, anders gaat er steeds meer verkeerd.
Samuël
doet niet mee met de jongens van Eli.
Je ziet dat het hart van Samuël vol is van gehoorzaamheid aan God.
Als dat zo is, haat je de zonde.
Als
het avond is mag Samuël altijd de lamp uit doen.
Als hij dat gedaan heeft, gaat hij naar bed.
Middenin de nacht hoort Samuël
roepen :"Samuël ! Samuël !"
Samuël zegt direct :"Hier ben ik."
Hij denkt dat Eli roept en gaat er gehoorzaam heen.
Dat is mooi van Samuël.
Hij gaat als hij geroepen wordt.
Samuël vraagt aan Eli :"Waarom hebt u mij geroepen, wat is er ?"
Eli zegt :"Ik heb niet geroepen, ga maar terug naar bed."
Samuël doet gehoorzaam wat Eli zegt en gaat terug naar bed.
Als Samuël op bed ligt hoort hij voor de tweede keer roepen :"Samuël
!
Samuël !"
Samuël zit rechtop.
Hij hoort echt roepen, nee, hij droomt niet.
Samuël gaat weer naar Eli en zegt :"Hier ben ik, u hebt geroepen."
Eli zegt weer :"Nee, ik heb niet geroepen, ga maar terug."
Voor
de derde keer gebeurt hetzelfde.
Samuël hoort weer zijn naam roepen.
Voor de derde keer gaat Samuël naar Eli.
En dan opeens begrijpt Eli Wie Samuël roept.
De Heere roept.
Eli zegt :"Samuël, God roept jou. Ga terug naar bed en als je weer hoort
roepen moet je zeggen :"Spreek Heere, want uw knecht hoort."
Samuël kent de stem van de Heere nog niet.
Als Samuël voor de vierde keer zijn naam hoort roepen zegt hij :"Spreek,
want Uw knecht hoort."
Samuël is een knecht van de Heere, omdat hij in de woning van God mag dienen.
Samuël luistert stil als de Heere tot hem spreekt.
Als God tot je spreekt moet je altijd stil zijn.
Spreekt
God nu nog tot ons ?
Ja, iedere keer als je in de Bijbel leest, of als je op de club hoort vertellen
spreekt God tot je.
Zo stil als Samuël luisterde, moeten wij ook luisteren.
Hoort, wat de Heere tot Samuël spreekt.
De Heere zegt :"Ik ga de zonden straffen. Zo'n erge straf hebben de mensen
nog nooit meegemaakt. Eli is gewaarschuwd door een profeet, (= knecht van God
)
Eli had zijn jongens ook moeten waarschuwen voor alles wat ze verkeerd deden,
maar Eli is ongehoorzaam geweest. Ik moet de ongehoorzaamheid straffen. Er
zullen vijanden in het land Israël komen om te vechten en ze zullen de strijd
winnen. Er zal nog meer gebeuren. De jongens van Eli zullen op één dag sterven
en Eli zelf ook."
Wat
hoort Samuël een erge straf.
Hij ligt erover na te denken als de Heere uitgepraat is.
De andere morgen begint Samuël gehoorzaam aan zijn werk.
Hij doet de deuren van de tabernakel open, maar hij zegt niets tegen Eli.
Eli roept Samuël en vraagt :"Wat heeft de Heere tegen jou gezegd ? Vertel
alles eerlijk aan mij."
Samuël vertelt over de straf van God.
Eli luistert.
Weet je wat hij zegt ?
Hij zegt :"Wat de Heere doet is goed."
Eli denkt, ik heb de straf verdiend.
Vroeger
strafte God de zonden, maar dat doet Hij nu nog.
Er staat in de Bijbel dat God de zonden straft, maar ook dat er vergeving is, om
Jezus wil.
God kan een hart vol ongehoorzaamheid gehoorzaam maken, door het werk van de
Heere Jezus.
Het vernieuwen van ons hart is nodig om gelukkig te worden.
Zonder nieuw hart, liggen we verloren voor God.
Maar er is een Redder, Die verloren zondaren kan en wil verlossen van de zonde,
door een nieuwe geboorte, een geboorte uit God.
Als dat wonder vandaag ook nog mogelijk is, moet je om redding vragen bij Die
Ene redder, de Heere Jezus.
Heb
je vragen? Klik op de envelop